writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het tribunaal (2)

door Dora

Ik voel het ineens, het neemt bezit van mij, schaamte kruipt in paniek door mijn strot, want oh God.
(Het zal toch niet waar zijn?) Drio knikt, gebaart neutraal dat ik moet blijven kijken.
Ja. Dat ben ik. In prachtig goudbrokaat, edelstenen in het gouden pronkstuk op mijn hoofd met de slang, wiens ingelegde emaille turkooise manen glimmen in de zon. Mooi als Cleopatra, ongenaakbaar op de hoge gouden troon, omringd door de hoogste macht ben ik de baas in dit beestachtige spektakel van lotsbestemming.

De Opperrechter zoekt zes uitverkoren hoofdgetuigen uit. Zij moeten naar voren komen zonder dat ze weten wat er van ze wordt verwacht, maar als ze weigeren wacht hen eenzame opsluiting. Naast de beklaagden staat een van mijn adonisdienaren te wachten met een koperen schaal. Ik herken niet wat er op ligt.
Dan steken de vrienden n voor n, een gloeiende naald, (bij iedere verschroeide rooksliert klinkt donderend applaus) in de navel en door de tepels van de hoofdpersonen. C.le Roy geeft geen kik, maar bloedstollend trilt de lucht van het bange gebrul van zijn ooit zo bloedmooie vrouw. Ik laat me in de scene meevoeren, het dierlijke gebrul spoort mij aan om op te staan; de onvergetelijke stank van gebrandmerkt vlees hitst mij op. Tot in mijn allerlaatste vezel weet ik het; het moet, moet, nu ben ik aan zet. (Eindelijk, maar oh nee, dat kan ik niet.)

Langzaam, mijn gewaad is zwaar, kom ik van de verhoging waarop mijn troon staat en schrijd onder doodse loodzware stilte, naar het midden van de arena. Ik kijk hem aan, maak het zwijgende machtgebaar.
"Ik ben de hoofdvrouw, mijn naam is Vilja-Dora, ik dwing jou om naar de gehavende sluwheid van de concubine te kijken." Hij weet, dat er nu niets hem meer redden kan en machteloos smekend loert ze naar mij. Ik ben marmerhard. Haar grote staalharde aquamarijne ogen, waarmee ze haar macht kon uitspelen, hebben geen enkele glans meer en ze begrijpt. De overwinning die ze dertig jaar geleden dacht te hebben behaald, was niet meer dan een episode uit haar eigen sprookjesboek. Het bracht geen absolutie voor de woekerende jaloezie. Eindelijk houdt ze haar lasterende bek en hij, haar speelbal, ziet hoe zijn magische Magda L. haar verdoogde huid verliest. De hel breekt los, want het publiek, dat met ingehouden adem toekijkt, ziet het ook. Ze ontpopt tot het kruiperig geslepen scharminkel, dat ze altijd was, dat ik destijds onmiddellijk doorzag. Schaamteloos geniet ik, maar ook ik begrijp.
Ik moet iets los- en toelaten. Om te groeien. Al weet ik niet waarnaar toe ik moet ontwikkelen, alleen dat het van wezensbelang is. Deze keer zet ik door, volg wel mijn ingeving en ik draai me om, pak als in trance de overgebleven roodgloeiende naald van de schaal. Deze heeft, hij was al voor me bedoeld, een diamanten handvat. Rustig, in een persoonlijke overwinning die niemand kan zien of begrijpen, steek ik de zevende naald sissend door zijn gerimpeld slappe lid. Mijn medelijden krimpt, verdwijnt met de penetrant stinkende rookkringeltjes die uit zijn zielige gekrompen fallus loskomen. Goedkeurend geroezemoes gromt rond, als erkent men mijn leiderschap. Het gaat als een wafe door het stadion der zonde en zwelt aan tot het hatelijke gegil waarin ik de Hades herken. (Deze film heeft me mijn leven lang achtervolgd om ooit gezien te worden.) Het is helend zoveel bijval te krijgen voor de op zich vreselijke daad en ik kijk, volledig verlost van gevoel, naar de twee figuren die mij het allerliefste ontnamen.
(Mijn hart is nog steeds van mij hoewel het nu afgesneden is van hen.) Begrip noch mededogen ken ik voor hen en ik weet: Ik ben losgekomen van een zich herhalende karmageschiedenis.
Dan ineens valt het publiek stil, doodstil en ik draai me om.
Mijn toenmalige beste vriendin maakt haar entree in een vormeloze jute zak. Haar handen en voeten zijn geboeid aan zware ijzeren banden. De dikke kettingen tussen haar benen maken het moeilijk om elegant te lopen en men brengt haar rammelend naar me toe. Ze moet me aankijken, recht in mijn betraande ogen, als ik haar het flesje met de zandloper geef, dat ik tussen de plooien van mijn tuniek voel branden. Met gedreven getrainde toneelstem spreek ik, opdat de hele arena kan horen wat ik haar vonnis acht.
"Omdat jij je in liet lijven in hun intrigantenkamp moet jij persoonlijk, ieder uur, dit brandend zuur in de ogen van jouw trawanten druppelen. Tot jullie alle drie zweren niets te verzwijgen, nooit meer weg te kijken."
Een machtig aanzwellend jaja is het antwoord van het publiek. Makkelijk laat men zich sturen, meevoeren.
(Is de tegenkant van liederlijke wellust, de beestachtig onmachtige wraak, minder erg?)
Niets intrigerend te dirigeren zoekt Magda Lena met flitsende ogen hulp of bijval, die niet te vinden is.
Haar lijfeigen man moet aanzien, hoe ik de soldaten opdracht geef zijn meesteres op het spijkerbed te leggen: Armen en benen als op de tekening van Micheal A. Buonarotti.
Daarna begeef ik me rustig terug naar mijn plaats op de verhoging, bejubeld door het voetvolk en ik drink uit de rituele beker. Het is zware bloedwijn. Ik zie, ruik, proef en speel macht, voel de weerstand die ik ertegen heb in al mijn genen, doch ik ben het houvast van de natie, mag mijn kwetsbaarheden niet laten blijken.
Ik toon de lege kelk aan het publiek dat applaudisseert en ga zitten.
Volkomen kalm zie ik hoe de vlijmscherp geslepen punten van de zwarte nagels snijden in het roze vlees van haar rug, de niet meer veerkrachtige billen. Diep dringen de spijkers in het roze vlees, als in de zachte boter, die ze met haar doortrapte leugens op ieders hoofd smeerde. Vier soldaten wachten op mijn bevel.
Omdat ze ieders naviteit misbruikte, geef ik opdracht haar vast te binden aan het trauma dat stelselmatig onze veiligheid verknipte en moederschap te schande maakte. De staaldraden snijden diep in haar bloedend vlees. Terwijl het haar ten laste gelegde door de zinderend bezwete lucht schalt trekt men, beetje bij beetje, de dunne draden onherstelbaar strak om haar polsen. Betrouwbaar, treiterend nauwgezet, op de maat van iedere afzonderlijke beschuldiging. Boeten moet gij:
1 Voor de zwartlasterlijke verzinsels. 2, Gemene hersenspinsels. 3, Het daaruit voortvloeiende geweld, dat het kind mee moest maken. 4, De waanzinnig wantrouwige wonden die dit in haar ziel, scheurde 5, Die waren niet met oprechte eerlijke liefde schoon te likken. 6, Het veroorzaakte helse pijn, dat kankerend naar binnen vrat en omsloeg in haat en wrok jegens de enige persoon die onvoorwaardelijk van haar hield en haar begreep.
De soldaten verplaatsen zich nu naar haar benen, die wijd uiteen moeten worden vastgesnoerd.

Ik, Dora, alias Vilja, krijg vandaag de nieuwe naam Viljadoradie als ik mijn laatste gebaar zal maken en ik ben me er heel goed van bewust, dat ik in mijn kamer zit en tevens meespeel in de film op de muur. Ik ben een driedimensiowezen. In staat zijn je tegelijkertijd in waan en werkelijkheid thuis te weten is maar enkelen gegeven en ik vertrouw erop dat straks de wereld weer grijpbaar aards is, anders had Drionidias dit niet zo gedaan.

Ondertussen schalt onverbidderlijk uit de luidsprekers welke les de maitresse te leren heeft.
Gij moet k voor zijn zwakte boeten omdat gij
1, Zwakte en hunkering met vrouwenlisten misbruikte.
2, Omdat hij, als machteloos overgeleverde verlatingsangstige man, jouw destructieve wet ten uitvoer bracht.
3, Omdat hij dat deed uit angst u te verliezen en omdat gij dat gevoelloos uitbuitte.
4, Omdat gij van hem eiste dat hij u altijd moest behagen.
5, Daarom liet hij uw laster toe, gedoogde hij al uw kwaadsprekerij.
6, Hij probeerde voor u zelfs rechters in het spel om geld te verleiden.
7, Hij slikte kritiekloos alle leugens, die gij, verzon om hem exclusief voor jezelf te claimen.
8, Hij offerde voor uw zinnelijk uitgespeelde liefde zijn eigen bloedband, verliet zijn kind.
9, Zijn nazaat werd daardoor afgesneden van haar oorsprong (moeder, broer, zus, opa's en oma's, etc.)
Omdat dit nieuwetijdskind er nimmer van genas, trekken nu en voor de rest van uw leven, de strakke staalbanden van het geweten via het HG* Tribunaal dwars door uw huid. Het zal echter niet de dood tot gevolg hebben......

HG* Tribunaal = Heilige Graal Tribunaal
(wordt vervolgd)
HG* Tribunaal = Heilige Graal Tribunaal

 

feedback van andere lezers

  • manono
    Het feit dat Vilja van Drio naar de film moet kijken, is op zich van grote betekenis. Ik zou nog graag willen lezen wat hij haar wil laten inzien.
    Mooie beschrijving van Viljadoradie! De naam alleen al! Ik zie haar zo voor me.

    Het denkbeeldig vierendelen van iemand... dat lijdt geen twijfel, betekent het ook niet een soort 'losmaken'? Of is het daar te vroeg voor?

    nagelS
    stRak om haar polSen


    Dora: Ja ja, het is een heel groot iets hoe Drio ineens niet meer meegaand en doortastend is, maar goed, deel drie zal misschien niet eens het antwoord geven....en die opdracht, ja ja, oh ja?
  • Magdalena
    Denk denk denk
    bezink

    Door, het verhaal vind ik zeer goed, inhoud zeer goe, maar qua schrijven en schrijfstijl zou ik hier minstens de helft schrappen.
    Enkel datgene over houden wat nodig is.

    Dit lijkt materiaal dat thuis hoort in het sprookje dat ik aan het schrijven ben :):):)
    Dora: Schrappen? MagdaLena...? er staat niets in dat volgens mijn denken, ik weet niet, weg kan...qua schrijven en stijl Zal er dan toch nog eens naar kijken, doe ik...
  • tessy
    pfff wat een verhaal, ben nu wel heel nieuwsgierig wat Drio zijn bedoeling is...
    Dora: Volhouden dan maar Tessy, stug volhouden...dank je alvast en zeker...
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .