writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Brandende bramen (3)

door Dora

We lijken enkel uiterlijk op elkaar, hield Mathilde zichzelf voor, als was het haar laatste houvast. In geladen stilte nipten ze van de hete drank. Haar moeder was in het voordeel binnen haar eigen territorium. Het was niet ruim, maar voorzien van het weinige dat ze nodig had. Vif zag hoe haar dochter zich, zoals altijd onder spanning, in haar eigen wereldje terugtrok.

Ik heb een uur over smalle weggetjes gereden, door onbekend bos. Die achterlijke ludieke wegwijzers had ik verdorie kunnen herkennen. Ik kan geen kant op. Inmiddels is het donker en om n of andere onbegrijpelijke reden doen de koplampen van de auto het niet.
Mathilde keek boos op omdat ze de zinloosheid van verzet inzag.
Vivian knikte en vroeg zacht:. "Heb je in het dorp gevraagd hoe je bij de Prinsenboom moest komen?" Haar dochter knikte, herinnerde zich de kruidenier, die overmatig vriendelijk de weg wees, zei dat ze werd verwacht. Het had geleken of hij haar kende.
"Die lui in het dorp weten dat jij mijn moeder bent?" snauwde ze met verwijtende geknepen ogen.
"Ja, het boek is hier een bestseller."
"Welk boek?"
"Over jou."
"Ook dat nog," siste Mathilde verslagen voordat ze de controle verloor over het normaliter strak in steigers gedrongen zelfverzekerde imago. Haar mond ging hijgend open.
"Mensen zoals jij lezen het graag." Mathilde stond in het nauw gedreven op om van de tafel naar de deur te ijsberen. "Hoezo, mensen zoals ik?"
"Daar hebben we het morgen over, vanavond moeten we aan elkaar wennen." Het klonk te vastberaden om te protesteren. Ik ben ontvoerd, word stom gevangen gehouden, vond ze. Vivian bleef neutraal. "We eten hutspot met verse worst en vanillevla toe."
"Wie denk je eigenlijk dat je bent? Mij onder valse voorwendselen hierheen te lokken en net te doen of ik nog bij je woon?" bitste ze zonder op te kijken. De heldere schaterlach die haar moeder zich permitteerde, haatte Mattieke als de pest. Zinloze ongrijpbare humor waardoor zij zich minderwaardig voelde, het maakte haar ook nu weer woest.
"Kind, wat men zaait zal men oogsten. Uit mezelf zou ik het niet verzonnen krijgen om het zo te doen, maar ik leerde in jouw huid te leven. Jij was een uitmuntende docente, al zeg ik het zelf, haha."
Mathilde bloosde om deze niet mis te verstane waarheid, werd weer het kind dat het niet winnen kon. Typisch ma, de spijker op de kop slaan. Altijd had ze daarmee Matties werelden aan flarden gerukt. Smerig eerlijke openheid, man en paard noemen. God, wat had ze een bloedhekel aan dat platvoerse, zonder gevoel of begrip voor haar behoeften.
Zeventien jaren, die niet hadden mogen bestaan, glipten door onzichtbare kieren naar buiten.
De helft van mijn leven loopt als los zand door vergeten zandlopers, dacht Mathilde die schrok van deze metaforische constatering. Niets was meer voorspelbaar en ineens rolden machteloze tranen over haar wangen. Ze haatte het als kinderachtige waterlanders haar overvielen. Ze weegde ze weg, maar Vivian had het uiteraard gezien en reikte een zakdoek aan.
"Huil maar eens, je hebt dit veel te lang willen voorkomen." Het klonk te lief, vernietigde de zorgvuldig opgebouwde stuwdam die juist dit had moeten voorkomen. Jaren was ze weggebleven om niet te hoeven janken in het aangezicht van de sterke moeder. De stok tussen haar schouderbladen brak. Oncontroleerbaar kwam al het vastgelopen leed los en ze zakte met de rug tegen de deur op de grond. Vivian kwam naast haar zitten, sloeg de arm om haar schouders en zag de dreumes van dertig jaar geleden, die wanhopig trachtte sterker te zijn dan de duivel. Een onmogelijke eis, maar wat wist een kind van vier. Het duurde, net als destijds, een half uur. Ma wreef zachtjes over de hoog opgetrokken schouders, maar deze keer fluisterde ze geen lieve woordjes, zong geen wiegeliedje. Er kwam k geen: zie je wel, wat ben jij een slap wijf, zoals Mathilde zichzelf doorgaans veroordeelde. Matties hoofd was plotseling volkomen rustig en leeg, verstoken van gillende stemmen die er voortdurend in rondspookten. De leegte was te groot, te eng en moederlijke troost ontdooide de marmeren steen in haar hart. Kermend zwaaide de zwarte poort van de hel open terwijl ze haar hele leven de onvergeeflijke doodzonde van zwak verdriet had kunnen voorkomen.
"Dit mag nooit, mag niet," schrilde het hoge stemmetje dat ze beiden herkenden.

 

feedback van andere lezers

  • Hoeselaar
    Ik zie bijna de flitsende blikken bij deze discussie en voel hoe dat de emoties hoog oplaaien, Dora wat ben je sterk in het weergeven van zulke situaties;

    Willy
    Dora: Oef, groot compliment Willy, dank je wel
  • Wee
    Vol emotie, maar je blijft dicht bij jezelf, dus niet overtrokken.
    Herkenning voor mij ook weer. Mooi, Dora.
    Dora: Dank je wel Wee.
    PS. Wie herken je dan, moeder, kind of beiden?
Er zijn 4 bezoekers online, waarvan 0 leden: .