writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

ZAND (17 Het Havenkwartier)

door koyaanisqatsi

Halfweg de steeg hield Najib plots zijn pas in en draaide hij zich naar me toe. Er verscheen een doodernstige grimas op zijn gezicht, waardoor hij wel tien jaar ouder leek.
"Moest je me hier, in het havenkwartier, kwijtspelen, onthou dan dat je je door niets of niemand mag laten verleiden. De lokroepen van het leven dat hier geleden wordt zijn zeer verleidelijk, maar ze storten je gegarandeerd vroeg of laat in de diepste ellende. Haast je dan, zonder ook maar een woord of blik met iemand te wisselen, terug naar de kade en vraag aan eender wie je daar tegenkomt naar Hoessein. Kom, laten we nu gauw verder gaan."
Ik begreep er niets van. De steeg was verlaten, er heerste een doodse stilte, alsof er geen leven bestond, en aan dat laatste kon zelfs de alomtegenwoordige stank van gerookte vis niets veranderen. Maar nadat de steeg een scherpe bocht naar rechts had gemaakt bevonden we ons eensklaps op een klein marktplein waar we terechtkwamen in een heus pandemonium. Dobbelende gokkers, luidruchtige sjacheraars, onstuimige acrobaten, vuurspuwers, schreeuwende waarzeggers, opdringerige bedelaars en cobra's bezwerende fakirs vochten om de aandacht van zowel lummelaars als passanten die zich nerveus een weg naar rustiger oorden probeerden te banen.
Een uitgemergelde kreupele graaide naar mijn rechterbeen en toen ik me losrukte krabden zijn lange, onder het vuil zittende nagels als botte scheermesjes langs mijn huid.
"Laat die jongen met rust, smerige schooier!" schreeuwde een man die kalebassen probeerde te verkopen. Hij verkocht de wegkruipende sukkelaar een trap en lachte me vergoelijkend toe. Vol afkeuring wendde ik het hoofd af. Najib probeerde het pad voor ons te effenen door ongegeneerd mensen opzij te duwen, maar de drukte was zo intens dat we ieder ogenblik dreigden te verzwelgen in de mensenmassa.
Uiteindelijk gebeurde wat Najib had gevreesd. Door het onophoudende getrek en geduw werden we als tegenstribbelende maar machteloze muildieren van mekaar weggedreven. Ik probeerde Najib zo goed mogelijk in het oog te houden door mij zo lang mogelijk te rekken en op de toppen van mijn tenen te steunen, maar toen er een reus van een vent enkele seconden mijn zicht belemmerde was ik eraan voor de moeite.
Najibs raad indachtig probeerde ik rechtsomkeer te maken maar algauw bleek ik zodanig gedesoriënteerd dat ik als een kip zonder kop in het rond ging lopen. Nu, lopen was veel gezegd; het was meer een heen en weer slingeren tussen lichamen, stompende ellebogen en trappende benen.
Zo ging het een hele tijd door, tot ik plots weer oog in oog stond met Najib. Mijn door opluchting gestimuleerde glimlach werd slechts beantwoord door een ernstig gezicht dat me aanmaande hem opnieuw te volgen.
Ik pakte ditmaal een plooi van zijn gewaad beet, vastberaden niet meer los te laten tot we ons in rustiger vaarwater bevonden. Blijkbaar was ik onbewust toch in de juiste richting gevorderd want even later werden we door het tumult uitgespuugd en liepen we een hoge, boogvormige poort door die uitgaf op een kronkelig straatje.
"Hier moet je extra op je hoede zijn," fluisterde Najib, "want hier zijn de huizen van ontucht gevestigd."
Ik had er geen flauw idee van wat de djinn daar nu weer mee bedoelde. We stapten gestaag door, opnieuw bergopwaarts, en werden achtervolgd door sissende geluiden die als op hun prooi loerende slangen uit tal van ramen en openstaande deuren ritselden.
Ik ving een glimp op van een oude vrouw die aan een raam zat met haar rimpelige, overdreven opgemaakte gelaat half verscholen achter een scharlaken hoofddoek. Ze wenkte me met een krullende vinger en toen ik mijn pas versnelde schoot ze in een heksachtige, honende lach.
Om een onverklaarbare reden voelde ik me diep beschaamd voor de angst die ze in me had opgeroepen en toen ik even verder in een deuropening een gesluierde vrouw ontwaardde die hetzelfde gebaar naar me maakte, was de maat vol en zette ik het op een lopen. Ik kon niet snel genoeg het havenkwartier uit zijn.

 

feedback van andere lezers

  • Mephistopheles
    Je weet dit heel levendig te brengen. Vooral dat pandemonium van gokkers, luidruchtige sjacheraarsen en vuurspuwers zag ik zo voor me. Doet me wat denken aan mijn oud stamcafé. Helaas Failliet gegaan.
    koyaanisqatsi: ja, dat heb je dikwijls met 'echte' kroegen. Die gaan failliet. 't Zal wel aan hun publiek liggen, zeggen ze dan.
  • Dora
    Oh ja, ik voel het, ruik het, hoor het en voel het.
    Het benauwt me altijd, druktes, massa's
    Spannend weer.
    koyaanisqatsi: vreselijk zijn ze... ;-) (en dom)
  • Wee
    Prachtig!
    x
    koyaanisqatsi: x
  • greta
    Ja een gehaaste, benauwende scène. Zeer levendig omschreven. (Was je zelf ooit op zo'n plein?)
    koyaanisqatsi: bestaat zo'n plein dan?
Er zijn 6 bezoekers online, waarvan 0 leden: .