writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

ZAND (48 Het Voorgevoel)

door koyaanisqatsi

Gesnurk uit onverwachte hoek deed Ismael ophouden met zijn verhaal. Omdat hij een hele tijd had zitten vertellen met zijn blik op de vrouw aan het kraampje gericht, had hij niet in de gaten gekregen dat zijn toehoorder was ingedommeld. Nu moest hij met een mengeling van ongeloof en verbazing vaststellen dat de winkelier, met zijn armen gekruist en zijn kin tegen zijn borst gedrukt, in een diepe slaap was verzonken.
'Krijg nu wat,' zuchtte hij tegen zichzelf, 'ik zit hier zowaar maar wat tegen de muren te kletsen.'
Hij sloeg zich op de dijen, zuchtte nogmaals, stond recht en begaf zich naar de vrouw van het kraampje; niet omdat hij dat per se wilde, maar omdat zij de enige andere levende ziel in de buurt was en hij geen zin had om als een kamerplant te wachten tot de winkelier weer wakker werd.
Toen de vrouw hem zag naderen begon ze heel even te glimlachen om meteen daarna een droge ernst op haar gezicht te leggen. Ze herschikte haar haren met enkele plukbewegingen, veegde met een middenvinger langs haar mondhoeken en zette haar handen in haar zij.
'Wat een eer van u opnieuw te zien,' zei ze op een luchtig toontje, alsof het haar allemaal niets uitmaakte.
'Tja, wat kan ik anders doen?' zei Ismael, schouderophalend. Hij draaide zich om en wees naar de winkelier, die ondertussen opzij was gekanteld en nu op zijn zij op de bank lag. 'Zoals u ziet, verkeert mijn gastheer in dromenland.'
Nu begon de vrouw nors te kijken en zei ze, bijna sissend: 'Oh, dus ik ben pas geschikt gezelschap als er niemand anders overblijft?'
Ismael schrok niet van haar bitse reactie. Er ging een vreemd gevoel door hem heen, een soort siddering waar een lugubere aankondiging aan verbonden zat terwijl een stemmetje in zijn hoofd hem toefluisterde: 'Deze vrouw is aantrekkelijker wanneer ze boos is, nietwaar? Als ze lacht of ontspannen is, heeft ze iets verlepts over zich, iets onnozels zelfs. Maar haar boosheid geeft haar karakter. Je zou maar beter je slag slaan, nu het nog kan.'
'Zo bedoelde ik het helemaal niet,' flapte Ismael eruit, 'het tegendeel is zelfs waar. Ik geef de voorkeur aan uw gezelschap, maar ik kan mijn gastheer toch onmogelijk de rug toekeren; hoe onbeschoft zou dat wel niet zijn?'
'Mmm.'
De vrouw kruiste haar armen en trok haar mond scheef. Ismael kon niet uitmaken of ze op een gepaste reactie zat te broeden of hem stond te taxeren. Niet van plan op één van beide te wachten, schraapte hij de keel en zei: 'Mevrouw, vergeef me dat ik met de deur in huis val maar… Zonet ben ik overvallen door het gevoel dat ik niet lang meer te leven heb, en aangezien ik nog nooit de geneugten van een vrouw heb mogen ervaren, dacht ik… Had ik…"
De vrouw trok haar wenkbrauwen op, waardoor hun fijnheid opviel, en keek Ismael in de ogen.
'Ziet u dat koffertje staan?' vroeg ze, met haar kin naar het koffertje wijzend dat ze naast het kraam had neergezet. Ismael knikte. 'Daar zitten mijn weinige spullen van enige waarde in. Ik was van plan u te vragen me mee te nemen, omdat ik het beu ben geslagen te worden door mijn razend jaloerse man, maar vooral ook omdat ik nooit over mijn vergissing ben geraakt niet te zijn ingegaan op de uitnodiging van de Italiaanse landmeter. Nu, ik zou een slecht en berekenend schepsel zijn wanneer ik, met wat u me zonet kwam te vertellen, geen gevolg zou geven aan uw verzoek. Tenslotte was het al een hele tijd mijn bedoeling u zo'n soort gunst te verlenen, in ruil voor uw bereidheid me mee te nemen. U treft geen blaam, nu het lot blijkbaar mijn kansen definitief heeft gekelderd. Achter de huizenrij, hier achter mij, loopt een pad bergafwaarts tussen savannegras. Aan het einde van de pad bevindt zich een grote plas, een stilstaande uitloper van de rivier die als een kronkelende slang het dorp links heeft laten liggen. Bij die plas is een open plek, zo goed als aan het oog ontrokken door dichte struiken en hoge rietstengels. Daar heb ik wel eens meer een geheime minnaar ontmoet. Ga daarheen en wacht op me. De muren hebben hier ogen en oren, dus gun me de tijd om rustig op te kramen en via een ommetje tot bij u te komen. Goed?'
Ismael stond als aan de grond genageld. In een tijdsspanne van nauwelijks enkele minuten was hij doordrongen geraakt van het gevoel dat zijn tijd gekomen was en werd hem een ervaring aangeboden die hij zich pas in een verre toekomst had durven voorstellen. Hij bleef dan ook plompverloren staan en knikte, zonder verder een vin te verroeren.
De vrouw klakte met haar tong en probeerde hem met wijzende ogen de goeie richting uit te sturen maar hij bleef haar onbeweeglijk aanstaren waardoor haar gelaat helemaal leek te veranderen en ze een volkomen vreemde werd.

 

feedback van andere lezers

  • Dora
    Aangebrand en toch niet gaar:
    "Oh, dus ik ben pas geschikt gezelschap als er niemand anders overblijft?"

    koyaanisqatsi: Zo gaat het soms...
  • greta
    Allemachtig. Niet de landmeter maar Ismael als goedmakertje voor zichzelf. Nounou. Ik zou zeggen: Ismael .. RENNEN.
    koyaanisqatsi: Rustig maar... ;-)
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .