writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het Bestaan in al zijn Eenvoud (52)

door koyaanisqatsi

'Ik heb er in alle geval goed aangedaan mijn beste kleren aan te trekken,' zei Abel Bocoum binnensmonds terwijl hij de inkomhal van het hotel betrad.
Links van hem bevond zich een brede receptietoog die bijna de ganse lengte van de hal in beslag nam. Daarachter liepen enkele in dennengroene mantelpakjes gestoken receptionistes heen en weer, argwanend vanuit de deuropening van een aanpalende kamer in het oog gehouden door een man in een zwart maatpak.
Zo'n twintig stappen voor Bocoum waren drie liften, alle onderweg naar het gelijkvloers, tenminste als men de oplichtende rode pijltjes boven de deuren mocht geloven. Rechts van hem was er een ruime zaal, van de inkomhal gescheiden door een glazen wand met twee brede deuren waarop in zwarte sierletters Paradisio Lounge stond gebrand.
Aarzelend maar met het besef dat er geen weg terug was, duwde Bocoum één van de deuren open. Hij keek rond, zocht naar de moeder van de bruid maar zag haar nergens en wilde net een stap achteruitzetten toen hij in de verste hoek van de lounge een wenkende arm zag. Die behoorde toe aan een vrouw die een hoed droeg met zodanig brede en afhangende randen dat haar gelaat zo goed als aan het zicht onttrokken bleef.
'U hebt blijkbaar geen seconde geaarzeld, dat zegt genoeg,' zei de vrouw terwijl ze Bocoum uitnodigde aan tafel bij te schuiven.
Terwijl Bocoum ging zitten nam ze haar hoed af.
'Dat had je beter niet gedaan,' zei Bocoum in stilte, maar hij begon zich meteen voor zijn woorden te schamen ook al was de vrouw er niet mooier op geworden.
De zwarte korst die bij hun laatste ontmoeting tegen haar linker mondhoek zat was verdwenen. In plaats daarvan was er nu een ronde vlek van rozig vlees gekomen die dreigde te gaan etteren. De pastelgele blouse die ze droeg was zo oubollig dat het eerder meelijwekkend dan belachelijk was en de protserige sierspeld die ze daarop droeg, een silhouet van een vioolspeler, maakte het alleen maar erger.
'Wenst u nog wat te drinken, alvorens naar boven te gaan?' vroeg de vrouw.
Bocoum schudde het hoofd. De vrouw leek erg nerveus, alsof ze angst had ieder ogenblik op een misdaad betrapt te worden, wat zijn eigen zenuwachtigheid alleen maar vergrootte.
'Goed,' slikte de vrouw. 'Dit zijn uw instructies. Zo meteen gaan we naar kamer zevenhonderd zeven, op de zevende verdieping. Deze kamer bestaat uit twee met elkaar verbonden suites. U begeeft zich naar de suite Zuid, om u klaar te maken, terwijl ik me naar suite Noord begeef om mijn dochter bij de laatste voorbereidingen bij te staan. In de badkamer van uw suite zal u alles vinden wat u nodig hebt. Scheergerei -voor geval dat nog nodig moest zijn-, een assortiment zepen -die u natuurlijk niet allemaal hoeft te gebruiken-, reukwater, shampoo, haarcrème, kam en borstel, tandpasta, tandenborstel en mondwater, een spiksplinternieuwe kamerjas in scharlaken velours en slippers.
Als u klaar bent zet u zich rustig neer voor de televisie of neemt u een krant; tot u men komt halen. Neem gerust uw tijd, want ik heb ook nog het één en ander met mijn dochter te bespreken, zoals u wel zal kunnen begrijpen.'
Dat begreep Bocoum niet maar toch gaf hij een hoofdknikje.
Plots sloeg de vrouw haar handen in haar gezicht. Ze slaakte een diepe zucht, schudde het hoofd, trok haar handen terug en zei: 'Geloof me gerust, deze hachelijke onderneming valt mij als moeder zwaar. Erg zwaar. Maar het is mijn plicht. Mijn dochter heeft recht op minstens één nazaat en als daar draconische middelen voor moeten ingezet worden, dan is dat maar zo, nietwaar?'
'Uiteraard,' flapte Bocoum eruit, zonder het te beseffen.
Op de lippen van de vrouw verscheen een tevreden grijns. Ze knikte, pakte haar hoed op, drukte hem opnieuw met overdreven omzichtigheid op haar hoofd en vroeg: 'Zullen we dan maar gaan?' Waarop Bocoum zonder het minste enthousiasme zijn stoel achteruit schoof.

 

feedback van andere lezers

  • greta
    Geschoren, gezeept en glanzend als een gewassen biggetje kan het beginnen.
    (Zoals jij die roze vlek van de moeder beschrijft... bluwwrb)
    koyaanisqatsi: U lijkt met kennis van zaken te spreken??!! :-p (wat de voorbereiding betreft)
  • Wee
    Geen ongeduld bij deze lezer, maar nieuwsgierigheid! :)
    Ja, die roze vlek is echt getver idd.
    x
    koyaanisqatsi: Héhé... Opzet geslaagd dus... xx
  • joplin
    wat is er mis met borsthaar?
    vind het wel iets hebben
    dat ruige
    xx
    koyaanisqatsi: Tja, dat moet je aan Nora vragen, vrees ik... ;-) xx
Er zijn 7 bezoekers online, waarvan 0 leden: .