writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Verhaal geschreven door een Aap (49)

door koyaanisqatsi

De wereld waarin Nazir hem introduceerde maakte een zodanig diepe indruk op Daniel dat zijn gedachten zo nu en dan voor langere tijd van Aurelie afdwaalden. En ook al werd zijn afgunst en frustratie alleen maar groter toen hij vaststelde dat Nazir, ondanks zijn afkomst, alom gerespecteerd werd, in zijn binnenste begon er een vuur van dankbaarheid voor de man te smeulen.
Van zodra Aurelie binnen zijn gezichtsveld verscheen doofde dit vuur echter weer uit. Dan kon hij in de toegewijde mameluk niets anders meer zien dan een vreemde indringer die beslag had gelegd op de vrouw waaraan hij niet alleen zijn hart maar ook zijn ziel had verpand. Hij mocht er nog steeds niet aan denken dat deze vent met zijn lelijke lijf, versleten knoken en rimpelige huid bovenop zijn geliefde kroop om met zijn afzichtelijk roede in haar te dringen en haar te bezoedelen met zijn oude zaad.
Op een keer had hij, in trance door woede en frustratie, een tekening gemaakt waarop hij Nazir had afgebeeld als een kwijlende, bultige duivel die een zich verzettende Aurelie in bedwang hield met zijn enorme puntstaart, terwijl zijn gigantische fallus haar bijna openscheurde. Nadat hij de laatste pennetrek had gezet, was Daniel zodanig overstuur geraakt dat hij de tekening vervuld van afschuw had verscheurd en later, toen zijn razernij was bekoeld, zelfs in honderden stukjes had versnipperd. Op tekenkundig vlak was het nochtans een meesterwerk geweest, zeker van de hand van een twaalfjarige, maar voor Daniel had het beeld in zo'n mate aan de realiteit beantwoord dat hij er nog wekenlang nachtmerries van had.
De overweldigende buitenwereld was dan ook een welkome afwisseling voor de jongen, die ondertussen al enkele jaren de slaaf was van zijn hopeloze, aan het gevaarlijk obsessieve grenzende verliefdheid.
Op zekere dag nam Nazir hem mee naar een herberg die langs een alternatieve weg naar de stad lag. Nazir begroette de waard maar tot Daniels verbazing stelde hij hem ditmaal niet voor als de toekomstige Comte. De waard vroeg ook niet achter de jongen zijn identiteit -in feite negeerde hij hem zelfs- en wees Nazir met enige tegenzin een tafel bij het raam aan.
Even later kwam een magere dienstmeid een kan koffie neerzetten zonder zowel Nazir als zijn jonge metgezel een blik te gunnen.
Nazir bood Daniel een koffie aan, schonk voor zichzelf een tot aan de rand gevulde kop in, nam een stevige slok, boog zich naar Daniel toe en zei: 'Knoop goed in je oren, Daniel, wat ik je nu ga vertellen, want dat is van het allergrootste belang. Ik overdrijf niet, als ik zeg dat je leven er ooit van zou kunnen afhangen.'
Door de ernstige toon en bijhorende blik waarmee Nazir hem had toegesproken sloeg Daniel de schrik om het hart. In een oogwenk had de herberg de allure gekregen van een rovershol, bevolkt met potentiële moordenaars en voetenbranders die hem iedere ogenblik een kopje kleiner konden maken.
'Deze herberg was ooit de pleisterplaats van een militie die je moeder in woeliger tijden in dienst had om de orde op haar landerijen te handhaven. Toen ik de taak kreeg het landgoed in haar naam te beheren, heb ik deze militie omwille van haar kwalijke reputatie ontbonden en de leden ervan verjaagd. Dat neemt niet weg dat deze plek nog steeds de verzamelplaats is van allerhande gespuis dat je maar best in de gaten houdt. Maak je geen zorgen: dat zal je nooit zelf moeten doen. Als je je mensen goed behandelt en rechtvaardig heerst, zal je genoeg kandidaten onder hen vinden om dat voor je te doen. Zie je bijvoorbeeld die man daar in de hoek zitten, die aan zijn pijp trekt? Dat is Gallimard, een smid uit één van de dorpen aan het uiteinde van het landgoed. Hij komt hier regelmatig wat zitten drinken, zogezegd omdat hij zijn zinnen heeft gezet op Huguette, de dienstmeid, maar in werkelijkheid omdat hij voor ons een oogje in het zeil houdt. Dankzij hem weet ik bijvoorbeeld dat die drie kerels die onder de trap zitten op de kosten van hun hardwerkende boerenvrouwen leven en er niet voor terugdeinzen iemand in mekaar te slaan voor een handvol centen. Zolang ze zich aan zo'n praktijken bezondigen buiten het landgoed laat ik ze betijen, maar van zodra ze een poot uitsteken naar iemand die bij ons in dienst is, verwittig ik de gendarmerie. Misschien vraag je je af waarom ik dat niet eerder doe? Wel, dat is een strikt strategische overweging. Ik heb namelijk al heel jong geleerd dat misdaad niet uit te roeien valt maar het doeltreffendst bestreden kan worden door haar een beetje speelruimte te geven. Net zo zeer ben ik er al jaren geleden achter gekomen dat spionnen als Gallimard, die uit loyaliteit hun diensten aanbieden, veel betrouwbaarder zijn dan spionnen die graag beurzen horen rinkelen. Begrijp je?'
Daniel knikte, al begreep hij lang niet alles. Daarvoor was hij te veel in de ban geweest van Gallimard, die een trouwe bondgenoot van Nazir en dus ook van hem was, en de drie schoften waarvoor hij maar beter op zijn hoede kon zijn.
Wat hij echter maar al te goed had begrepen was dat Nazir er dan misschien wel versleten mocht uitzien, maar dat hij wat verstand betrof torenhoog boven hem uitstak. Voorlopig toch nog…

 

feedback van andere lezers

  • greta
    Knap hoe jij je lange verhaalseries ook alsmaar boeiend weet te houden.
    "Misdaad valt niet uit te roeien", goed statement.

    koyaanisqatsi: ;-) x
  • joplin
    precies wat hij nodig had
    mooie draai
    xx
    koyaanisqatsi: xx
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 10

Uitstekend: 5 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 5 stem(men)
Er zijn 5 bezoekers online, waarvan 0 leden: .