writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

ONDER SATRAPEN (10)

door koyaanisqatsi

HOOFDSTUK 10 (Waarin Bugsy ongewild een gesprek afluistert, koffie krijgt voorgeschoteld en een korte dialoog aangaat)


Terwijl Bugsy aan de toog bleef wachten op zijn koffie werd zijn aandacht ongewild naar de heren in rokkostuum getrokken. Die waren namelijk in een discussie over een economisch onderwerp verwikkeld en spraken in termen waar Bugsy geen snars van begreep en ook niet wilde begrijpen. Volgens hem was hun gesprek niets anders dan een hoogdravende aaneenschakeling van holle frasen en opzettelijk gekozen woorden met een zodanig complexe betekenis dat geen van hen nog wist waar het in feite over ging.
Blaaskaken, dat zijn het, zo meende hij, die alleen maar doordrammen omdat niemand de moed of eerlijkheid heeft om toe geven allang de draad kwijt te zijn.
Toch worstelde Bugsy tegelijkertijd met de vraag hoe die windmakers er dan toch in geslaagd waren hoog op de maatschappelijke ladder te klimmen, want dat het geen armoezaaiers waren stond buiten kijf. Het waren één voor één afgeborstelde, verzorgd gekapt en geschoren heren die behalve keurige rokkostuums ook peperduur schoenen droegen en naar dure parfums geurden.
De deur van de keuken ging weer open en de vrouw kwam tevoorschijn.
'Zo,' zei ze, terwijl ze de koffiepot neerzette. Ze bukte zich onder de toog, haalde een witte beker van porselein tevoorschijn en goot deze halfvol. 'Melk? Suiker?'
'Zwart,' antwoordde Bugsy, waarop de vrouw de beker tot net onder de rand bijvulde.
'Dat was snel,' merkte Bugsy op.
'Wat?'
'De koffie; die was snel klaar.'
'Ik ben een vrouw die er geen gras over laat groeien,' grijnsde de vrouw terwijl ze weer een glas oppakte om af te drogen.
Bugsy keek in de beker: de koffie was gitzwart, sterk dus, precies zoals hij hem graag had.
'Houdt u van sterke koffie?' vroeg de vrouw.
'Absoluut,' antwoordde Bugsy.
'Ik ook,' zei de vrouw. Ze zette het glas dat ze afdroeg neer, bukte zich om een tweede beker te pakken en schonk zichzelf een beker in.
'Lang niet slecht,' zei Bugsy, nadat hij voorzichtig van de zijne had genipt.
'Het is goeie koffie hoor,' benadrukte de vrouw, alsof ze zich hoefde te verdedigen. 'Geen rommel zoals ze in de drogisterij hier verkopen.'
'Verkopen ze hier koffie in de drogisterij?'
'Waar anders? Hier verkopen ze alles in de drogisterij. Dit is Pokkendorp, meneer: een compleet vergeten, boerengat. Hier is nauwelijks iets en valt al helemaal niets te zien of te beleven. Je kan bijna net zo goed dood zijn, als hier je dagen te slijten.'
'Waarom blijft u dan?'
De vrouw trok een veelzeggende grijns, zette haar beker neer, boog zich naar Bugsy, waardoor haar decolleté dreigend dichtbij kwam, en antwoordde, bijna fluisterend: 'Iedereen heeft zo wel zijn redenen om hier te blijven.'
'Hoe dan ook,' veranderde Bugsy van onderwerp, 'deze koffie is prima.'
'Eén van de clubleden bezorgt hem. Hij heeft een broer die koffiehandelaar is, een vent die de hele wereld afreist op zoek naar de beste bonen. Was u van plan om nog naar buiten te gaan?'
Bugsy, verrast door de plotse vraag, haalde de schouders op.
'Ik zou het u niet aanraden. Het is te zeggen: het is de moeite niet. Zoals ik al zei: er valt niets te doen in dit troosteloze oord.'
'Misschien ga ik wat lezen op mijn kamer, of mijn dagboek bijwerken,' zei Bugsy.
'Lijkt me een veel beter idee. Niet dat ik u hier wil houden, maar als u daar uw tijd mee kan vullen zal u de dag in ieder geval vruchtbaarder hebben doorgebracht dan hier door het handvol straten te gaan slenteren. Als je het al straten kan noemen…'
Plots schoten de heren in rokkostuum, op één na, in een bulderende schaterlach.
'Giezemann, werkelijk,' kuchte één van hen, schokkend van het lachen, 'je stelling is te gek om los te lopen.'
De man die klaarblijkelijk Giezemann heette, rechtte zijn rug, stak een belerend vingertje uit en zei: 'Pas maar op, jullie kunnen er misschien mee lachen, maar vroeg of laat gebeurt het.'
Opnieuw barstten de andere heren in lachen uit.
'Die Giezemann, toch,' snikte eerste man, 'altijd alles door een donkere bril zien.'
'Tja,' zei een andere man, 'een grapjas kan je hem onmogelijk noemen.'
Bugsy en de vrouw wisselden een blik van verstandhouding, waardoor Bugsy haar van het ene ogenblik op het andere veel minder vulgair vond. Ze was niet langer de kitscherige figuur die een club voor welgestelde heerschappen uitbaatte, voor wie hij haar eerder had gehouden, maar een volksvrouw die haar pijnlijke best deed om te beantwoorden aan de protserige status die haar klandizie van haar verwachtte.
'Ik denk dat ik maar eens naar mijn kamer ga,' zei Bugsy met een zucht, alsof hij wilde laten verstaan dat het gebral van de heren in rokkostuum hem irriteerde.
'Doe dat maar,' antwoordde vrouw, die bij wijze van instemming heel even de ogen sloot.

 

feedback van andere lezers

  • doolhoofd
    Hoe drink jij je koffie?
    koyaanisqatsi: zwart en straf :-) of een goeie cappuccino (die moeilijk te vinden is)
  • ivo
    koffie zwart voor de mooie ogen, statistisch bewezen ;) en ja het blijft boeien dat pokkendorp
    koyaanisqatsi: en worteltjes eten ook! ;-)
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 4

Uitstekend: 2 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 2 stem(men)
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .