writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Producten van de Westerse Beschaving DEEL2 (3)

door koyaanisqatsi

DEEL 2
HET MIDDEN

CHAPITER 3
MOSHE ZELIGMANN EN MOHAMMAD AL HIKMA

'Meneer Zeligmann, wat een eer u nog eens te zien.'
Moshe Zeligmann kon het niet helpen. Habiba bleef een vrouw die zijn hart sneller deed slaan. Ook al was ze ondertussen de vijftig gepasseerd, ze bleef gewoon prachtig, met haren die glanzend zwart bleven alsof ze nog twintig was, en haar donkere amandelvormige ogen en haar glimlach die zowel vertederden als verleidden.
'De eer is wederzijds, mevrouw,' zei Zeligmann terwijl hij een lichte buiging maakte. 'Maar de waarheid gebiedt mij te bekennen dat ik u er van verdenk mij opzettelijk te ontlopen. Telkens wanneer ik uw echtgenoot bezoek, bent u uithuizig.'
Habiba lachte.
'Ik heb het drukke leven van een vrouw van een succesvol zakenman, meneer Zeligmann.'
Ze staken de sobere maar mooie binnentuin met zijn ruim anderhalve eeuw oude fontein over en gingen binnen in de ontvangstkamer.
'Ik zal Mohammad verwittigen van uw komst, meneer Zeligmann, gaat u ondertussen zitten en vertel me alvast wat u wenst te drinken.'

'Een Arabische koffie, als dat kan,' vroeg Zeligmann met de snuit van een kleuter die om een snoepje smeekt.
'Natuurlijk kan dat, meneer Zeligmann,' glimlachte Habiba, waarop ze de ontvangstkamer verliet met de brandende blik van de bezoeker op haar zachtjes deinende heupen gericht.
Zeligmann legde het geschenk dat hij voor zijn vriend had meegebracht voorzichtig op het tafeltje voor hem neer en stond opnieuw recht op om zich naar de immense boekenkast, die de ganse noordelijke muur van de kamer vulde, te begeven -een gewoonte die hij had aangenomen telkens hij bij Mohammad Al Hikma op bezoek was en op diens komst wachtte.
Met zijn hoofd zo schuin als nog mogelijk was - hij had last van artrose in de nekwervels- ging hij op zoek naar nieuwe titels tussen de enorme verzameling romans, wetenschappelijke en religieuze werken.
'Zit je weer met je neus tussen mijn boeken te snuffelen!'
De zware basstem van Mohammad Al Hikma deed Zeligmann opschrikken.
'Ben je daar al, mijn vriend?'
'Zoals je ziet, mijn beste.'
De mannen omhelsden mekaar, schudden mekaar vervolgens gretig de hand, wisselden de gebruikelijke beleefdheden uit en lieten zich uiteindelijk in de luxueuze leren fauteuils ploffen.
'Hier,' zei Zeligmann, terwijl hij zijn pakje naar Al Hikma schoof, 'dat is alvast voor je verjaardag.'
'Maar, die is pas volgende week,' liet Al Hikma zich bezorgd ontvallen. Dat Zeligmann zijn cadeau nu bracht leek er op te wijzen dat hij niet naar het verjaardagsfeest van zijn vriend zou komen.
'Ik weet het,' zuchtte Zeligmann, 'maar met die oorlog weet je maar nooit.'
Al Hikma keek zijn vriend verbaasd aan en kon een lach niet onderdrukken.
'Maar Moshe, het front bevindt zich op bijna achthonderd kilometer hier vandaan…'
Zeligmann knikte, slaakte opnieuw een zucht, klakte met zijn tong en antwoordde: 'Kan best zijn, Mohammad, maar dat kan snel veranderen. En bovendien doen er geruchten de ronde van een nakende regeringscrisis. Stel je maar eens voor dat de Nationale Navelstaarders de macht overnemen, in tijden van oorlog. Ze steken nu de mensen al tegen mekaar op.'
'Maar zo'n vaart kan het toch niet lopen,' wuifde Al Hikma de woorden van zijn vriend weg, 'en al zeker niet op één week tijd.'
Zeligmann keek zijn vriend bedroefd aan. Hij kreeg een krop in de keel en sakkerde op zichzelf omdat hij zich had voorgenomen zich sterk te houden.
'Ik vertrek dit weekend, Mohammad,' zei hij met een trilling in zijn stem. 'Ik riskeer het niet.'
Al Hikma voelde zijn hoofd zwaar worden als lood. Moshe Zeligmanns vertrek zou meer zijn dan het verlies van een vriend; het zou het begin symboliseren van de ineenstorting van de kosmopolitische samenleving waarin ze allebei in staat waren geweest een rijk leven op te bouwen.
Voor Al Hikma's ogen begon zich in versneld tempo een film af te spelen: het begon met de dag waarop hij als beginnende zakenman, pasgehuwd en nog jong en knap, kennismaakte met Zeligmann, ook pasgehuwd en jong maar lelijk, en er meteen een band ontstond die veel meer was dan zakelijk. Dan zag hij hoe ze samen de volgende jaren fortuin vergaarden, talloze concurrenten zagen komen en gaan, vader werden, bordelen bezochten, maitresses versierden, hun kleinkinderen ter wereld zagen komen en één voor één vrienden en familieleden ten grave droegen. Al Hikma had altijd gedacht dat hun vriendschap zou eindigen wanneer één van hen het loodje legde, dit had hij niet verwacht.
'Die schijtoorlog ook,' vloekte hij, 'en het is niet eens de onze. Kunnen ze ons als buitenstaanders niet met rust laten.'
Zeligmann haalde schouders op en zei: 'Soms sleurt het leven je zomaar ergens mee naar toe, alsof je een speelbal op wilde golven bent.'
Al Hikma blies door zijn neus, wilde zijn vriend overhalen van gedachten te veranderen maar kende hem te goed om te beseffen dat deze lang over zijn beslissing had nagedacht alvorens een besluit te nemen waar hij niet op terug zou komen.
'Open je je pakje niet?' vroeg Zeligmann in een poging de sfeer wat op te smukken.
Al Hikma knikte en ontdeed het geschenk van zijn verpakking met een voorzichtigheid alsof ze deel uitmaakte van zijn vriend.
'De verzamelde werken van Rumi…'
Al Hikma kreeg een krop in de keel. Het prachtige, met blauw geverfd leer ingebonden boek stond al lang op zijn verlanglijstje maar was quasi onmogelijk te verkrijgen. Er waren slechts enkele exemplaren van gedrukt en die waren allemaal in handen van verzamelaars die er alleen maar afstand van zouden doen voor een overdreven bedrag.
'Ik… Ik weet niet wat ik zeggen moet,' stamelde Al Hikma, die voelde dat zijn ogen vochtig werden.
Op dat ogenblik kwam de meid binnen. Bedeesd als het meisje was knikte ze Zeligmann schichtig gedag waarop ze door haar knieën boog om haar dienblad op het tafeltje te zetten.
'Bedankt Naffi,' zei Al Hikma, 'wij doen de rest wel.'
Daarop maakte het meisje een vluchtige buiging, waarna ze ontvangstkamer verliet met de brandende blikken van de twee mannen op haar zachtjes deinende heupen gericht.

 

feedback van andere lezers

  • ivo
    de sfeer alleen al, knap hoor, ik proef het stof uit de tapijten als ik dit lees ..
    koyaanisqatsi: ;-)
  • greta
    Wat een warmte spreek hier. Een vriendschap, en wel een heel bijzondere. Jood en Moslim. Was het maar zo in het echt.

    koyaanisqatsi: Je zou er van versteld staan hoeveel joden en moslims vriendschapsbanden hebben. Het tegendeel uitvergroten is natuurlijk beter verkoopbaar.
  • andremoortgat
    Mooie warme verteltrant
    Boeiend onderwerp bovenop
    koyaanisqatsi: bedankt André.
  • pieter
    Luc,
    Dit is het eerste wat ik van deze serie lees. Het is gewoon goed. Goed geschreven met het juiste formele taalgebruik tussen Moshe en Habiba.
    (zij is natuurlijk niet achterlijk en houdt zich daarom op de achtergrond.)
    Goed is ook dat er twee maal een blik op zachtjes deinende heupen gericht wordt. Jongens blijven jongens.
    Vriendelijke groet,
    Pieter.
    koyaanisqatsi: Hartelijk dan Pieter.
  • warket
    In de sfeer kan ik meegaan, maar u schrijft wat te omslachtig bij mij als lezer.
    koyaanisqatsi: Ik ben mee met je commentaar, mijn waarde. Maar ik schrijf momenteel nog enkel om me te amuseren. De tijd dat ik uren zwoegde op teksten om nadien een zoveelste uitgeversbrief te moeten ontvangen met als commantaar: 'Veelbelovend, stuur nog maar wat,' heb ik al lang achter mij gelaten.
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 12

Uitstekend: 5 stem(men), 71%
Goed: 2 stem(men), 29%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 7 stem(men)
Er zijn 2 bezoekers online, waarvan 0 leden: .