writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Producten van de Westerse Beschaving Deel3 (9)

door koyaanisqatsi

DEEL 3
HET EINDE

CHAPITER 9
DE INEENSTORTING VAN DE SCHOONHEID

De driedubbele whisky had zijn doel gemist. Zijn hoofd was niet verdoofd geraakt. Behalve dat het goedje eerst zijn slokdarm en vervolgens zijn maag voor enkele seconden in brand had gezet, had het slechts de werking gehad van water.
Maurice keek door de smerige ramen naar buiten, waar het leven zijn dagelijkse gang ging, alsof er geen oorlog woedde en zijn huwelijk nog steeds een verbintenis van liefde was. Hij wenkte de dienster opnieuw, een jong meisje met ogen die verouderd waren door overdadig huilen, en bestelde opnieuw een driedubbele whisky.
'Het spijt me, kerel, maar je vrouw is er vandoor met een vent die er rijk en corrupt genoeg uitzag om aan de legerdienst te ontsnappen. Vraag me niet waar of hoe ze hem heeft leren kennen. Op een dag stond hij aan de deur met een verhuiswagen en hebben ze je ganse inboedel ingeladen. Ik weet nog dat ik dacht: Zo rijk zal hij dan wel niet zijn, als hij de meubelen van de echtgenoot van zijn minnares moet jatten, maar misschien was hij wel een bandiet die gewoon geld van je spullen wilde maken. Ik weet het niet.'
Kerstenbrods uitleg bleef zich keer op keer in zijn hoofd herhalen. De woorden leken te stinken naar verbrande mensenhuid, zo verschroeiend was hun effect op zijn gebroken ziel.
Tussen Kerstenbrods weerkerende relaas door vervloekte hij zijn brieven. Schrijfsels van een naïeve dwaas, een idioot die geloofde in de kracht en schoonheid van de liefde. Een halve gare die vertrouwde in de heiligheid van het huwelijk als een verbintenis van loyaliteit en wederzijds respect.
De dienster zette het gevulde glas naast het lege dat ze liet staan alsof ze erover wilde waken dat de klant niet over de schreef zou gaan. Ze verspreidde de geur van oude kleren en had een lelijke pas, veroorzaakt door haar te kromme benen.
Zo'n scharminkel moet je huwen als je gevrijwaard wilt blijven van een ramp, dacht Maurice waarna hij het tweede glas, net als het eerste, in één teug achterover sloeg. Maar tegelijkertijd zonk hij weg in het besef dat een invalide als hij niet eens meer op zo'n misbaksel hoefde te rekenen.
Hij moest een plaats zoeken waar hij zijn kitzak helemaal kon uitladen. Overtuigd van zijn overbodigheid had hij het briefje met nuttige adressen voor oorlogsinvaliden achteloos op de bodem van de zak laten dwarrelen. Maar nu, zonder een dak boven zijn hoofd en niemand om hem bij te staan, was het van cruciaal belang geworden. Hij stond recht, stapte op de waard achter de toog toe en vroeg hem of er een mogelijkheid was hem te helpen.
'Er is een kleine koer, achter de gang waar de toiletten zijn,' zei de man, 'die kan je gebruiken.'
Uit de toon van zijn antwoord maakte Maurice op dat zijn toegeeflijkheid enkel aan zijn verloren onderarm was te danken. Sommige mensen hadden tijdens de oorlog een blik ontwikkeld die een afkeer voor militairen uitdrukte en deze man was één van hen, hetgeen hij trouwens bevestigde door Maurice's woorden van dank volkomen te negeren.
De koer stonk naar de riolen en stond vol met lege flessen en dozen afval. Niet zonder moeite prutste Maurice de kitzak open, waarna hij hem op zijn zij op de grond legde om hem met scheppende bewegingen van zijn linkerarm leeg te maken. Het briefje kwam als allerlaatste tevoorschijn, was verfrommeld en zat onder de vuile vegen. Het adres dat hij zocht was dat van het dichtstbijzijnde opvangcentrum voor oorlogsinvaliden die nergens heen konden. In de meeste gevallen betrof het kleine afdelingen van militaire hospitalen maar sinds het uitbreken van de oorlog hadden sommige gemeenten extra centra ter beschikking gesteld om de toevloed aan ongelukkigen te kunnen opvangen.
'Kan ik u misschien helpen?'
Zonder om te kijken wist Maurice dat de klaaglijke stem afkomstig was van de dienster. Hij zuchtte, gaf een vermoeide hoofdknik en antwoordde: 'Het zou wel handig zijn als je me wil helpen alles terug in te laden.'
'Zegt u maar wat er eerst in moet,' zei de dienster, waarna ze naast Maurice neerhurkte. Omdat ze zich concentreerde op de op de grond uitgespreide inhoud van de kitzak merkte ze niet dat er tranen over zijn wangen rolden.

 

feedback van andere lezers

  • ivo
    het idiote van het lijden als leven enkel maar leven zou zijn en niets meer - pfff weerom knap neergeschreven
    koyaanisqatsi: bedankt ivo
  • doolhoofd
    De gruwelen die naïeve mensen te wachten staan zijn niet gering. Ik kan erover meespreken.
    koyaanisqatsi: Dat zegt veel over de zogezegde niet-naïvelingen. Ik verkies, ondanks mijn leeftijd, nog steeds de onschuld van de naïvelingen boven de gewiekstheid van de zogenaamde realisten.
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 6

Uitstekend: 3 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 3 stem(men)
Er zijn 8 bezoekers online, waarvan 0 leden: .