writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

DE VUURTOREN (6)

door Koyaanisqatsi

6 NIMFEN
De volgende ochtend trok de biograaf meteen na zijn ontbijt opnieuw naar de vuurtoren. De dag voordien had hij met Bill Sychs gekeuveld over van alles en nog wat. Tussendoor hadden ze samen een bescheiden lunch genuttigd en een luchtje geschept door een korte wandeling te maken. Tegen de avond hadden ze afscheid van mekaar genomen waarna de biograaf zich meteen naar de herberg had begeven, waar hij zich voor zijn avondeten tevreden had gesteld met een kom soep en enkele sneetjes meergranenbrood met gezouten boter. Hij was van plan geweest nadien nog een paar biertjes te drinken maar de herberg was hem te druk geworden en dus had hij maar afgerekend en zich naar zijn kamer begeven. Na daar nog wat te hebben gelezen was hij, opvallend vroeg voor zijn doen, naar bed gegaan.
Zoals verwacht stond de deur van de vuurtoren weer op een kier. De trappen naar boven waren lang niet meer de beproeving die ze de dag voordien hadden gevormd. Door zijn lange slaap was de vermoeidheid van de reis van twee dagen eerder helemaal uit zijn lichaam verdwenen en voelde de biograaf zich weer fris en monter. Door het patrijspoortvormige raampje even voorbij halfweg de trap keek hij recht op een in de zon schitterende zee. Het was alsof miljoenen spiegeltjes als gelukkige wezentjes heen en weer schommelden op de rimpels van een eindeloos, zeegroen laken. Maar het beeld was verraderlijk, want al was het erg zonnig, er stond nog steeds een vervelende noordenwind die binnen de kortste keren een massa donkere regenwolken kon aanvoeren.
Net zoals de dag voordien trof de biograaf de ronde ruimte, die Bill Sychs 'de woonkamer' noemde, verlaten aan.
Mogelijk was hij dus weer buiten maar aangezien hij zich ook hogerop kon bevinden, riep de biograaf voor alle zekerheid van aan het draaitrapje: 'Hallo!' Er kwam geen antwoord maar een tiental seconden later maakten zachte voetstappen op de traptreden wel duidelijk dat er iemand naar beneden kwam. De biograaf, die niemand anders dan zijn gastheer verwachtte, sloeg bijna achterover toen een poedelnaakt meisje, vriendelijk glimlachend, binnen zijn gezichtsveld verscheen.
'Halloo,' zei ze, alsof het de normaalste zaak van de wereld was om ongekleed een vreemde man te begroeten.
'Euh, hallo,' stamelde de biograaf. Hij kon het niet helpen het meisje als een buitenaards wezen aan te staren. Ze had waarschijnlijk nog maar net de huwbare leeftijd bereikt, was aan de tengere kant en had erg lange, lichtbruine haren. Haar vrij kleine maar stevige borsten hadden roze tepels zo helder dat ze bijna licht gaven en onderaan was ze zo glad als de huid van een pasgeboren baby. Qua gelaat was ze geen klassieke schoonheid maar net zo zeer viel het niet te betwijfelen dat ze voldoende aandacht van het mannelijke geslacht genoot om zich niet als een muurbloempje te moeten beschouwen.
'Pippi komt zo,' zei het meisje terwijl ze langs de verbouwereerde biograaf liep. Ze ging in de fauteuil zitten en vervolgde: 'En ik ben Adèle.'
Pippi? dacht de biograaf. Zou dat misschien de bijnaam van Bill Sychs zijn? Maar hij was nog niet van zijn verbazing bekomen toen er een tweede, al even naakt meisje de draaitrap kwam afgedaald.
'Hey!'
Behalve dat het meisje vlasblond was, grotere borsten en bruine tepels had, vertoonde ze niets dan gelijkenissen met Adèle. Ze was duidelijk van dezelfde leeftijd, had extreem lange haren, een tengere lichaamsbouw, een venusheuvel waar geen haarstoppeltje op te bespeuren viel, en oogde aantrekkelijk genoeg om de interesse van de andere sekse te wekken.
'U zal de biograaf wel zijn, veronderstel ik. Ik ben Pippi.'
In tegenstelling tot Adèle schudde Pippi de biograaf de hand.
'Dat klopt,' stamelde de biograaf.
'Let maar niet op ons hoor,' zei Adèle terwijl Pippi zich naast haar op de fauteuil vlijde. 'Wij komen hier zo nu en dan wat in ons blootje rondlopen omdat dat nergens anders in dit achterlijke dorp mogelijk is.'
'Ik begrijp het,' zei de biograaf, al was hij nog steeds in verwarring, 'jullie zijn na…'
'Nee-nee,' onderbrak Pippi terwijl ze een lach onderdrukte, 'wij zijn geen nudistes. En ook geen naturistes. Wij zijn eerder… Tja, hoe zullen we het zeggen?'
'Nimfen!' zei Adèle. Ze sloeg een opvallend benadrukkende toon aan alsof ze het gevoel had dat Pippi het woord bij gebrek aan overtuiging niet durfde uitspreken.
'Nimfen?' herhaalde de biograaf, die nog altijd niet tot het besef was gekomen dat hij nog steeds als aan de grond genageld stond.
De twee meisjes knikten.
'Inderdaad,' zei Pippi, 'zo noemen wij onszelf omdat we enkel van plan zijn relaties aan te gaan met faunen of saters.'
De biograaf fronste de wenkbrauwen. Zijn verbazing begon plaats te maken voor ongeloof en hij begon zich af te vragen of de meisjes hem soms voor een idioot hielden. Natuurlijk, omdat hij niet wist welke houding tegenover hen aan te nemen, kwam hij waarschijnlijk over als een kluns, maar welke normale man zou niet overdonderd geweest zijn door hun verschijning?
'Maar nogmaals, meneer,' zei Pippi, 'let maar niet op ons. Doe gerust of u thuis bent, zoals wij.' Ze had even tevoren haar rechter been over haar linker geslagen waardoor de biograaf onbewust had opgemerkt dat ze opvallend mooi gevormde voeten had.
Opgelucht omdat de meisjes hem niet verder uit zijn tent probeerden te lokken met hun mythologische gezwets, vroeg hij of ze wisten waar Bill Sychs was.
'Geen idee,' antwoordde Adèle. 'Hij was al weg toen we hier vanochtend aankwamen.'
'Het gebeurt wel vaker hoor, dat hij niet hier is wanneer we wat komen blootlopen,' zei Pippi.
Adèle klakte met haar tong.
'Wat voor toegevoegde waarde heeft dat nu, wat je daar komt te zeggen?'
'Geen,' antwoordde Pipi schouderophalend, 'maar als we alleen onze mond gaan opentrekken om uitspraken te doen die een toegevoegde waarde hebben, kunnen we maar beter voor altijd de lippen op mekaar houden.'
Adèle liet Pippi's reactie voor wat ze was, stond recht en liep terug het draaitrapje op. Pippi glimlachte even naar de biograaf en deed meteen daarna hetzelfde. De biograaf maakte van de situatie gebruik om zijn trenchcoat uit te trekken en op een stoel te gaan zitten. De fauteuil liet hij voor wat hij was.
Wat is Bill Sychs zijn rol hierin? begon hij zich af te vragen, terwijl er in zijn verbeelding een donkere schaduw over het gelaat van de vuurtorenbewoner verscheen. De dag voordien had hij Bills Sychs met een aangenaam gevoel verlaten. De man had precies dezelfde sympathieke en oprechte indruk gewekt als diegene die hij had verworven tijdens hun korte briefwisseling. Was het mogelijk dat hij zich ernstig had vergist en dat Bill Sychs een ouwe geilaard of een soort van souteneur was?
Er klonk wat gepraat boven, gevolgd door gestommel en opnieuw gepraat. Uit de toon die de stemmen aansloegen kon de biograaf niets opmaken. En toen verscheen Bill Sychs opeens.
'U bent er al,' zei hij. Hij klonk vermoeid van een lange wandeling.
De biograaf twijfelde of hij hem op de hoogte moest brengen van de aanwezigheid van de twee meisjes maar alsof ze bovenaan de trap op zijn terugkeer hadden staan wachten, kwamen Adèle en Pippi één voor één weer de trap afgedaald; ditmaal allebei in een strakke spijkerbroek en een blauwe oliejekker, hun voeten in eenvoudige gympen gestoken.
'Hallo oompje, we gaan maar eens,' zei Pippi. Ze stapte op Bill Sychs toe en gaf hem een zoen op de wang.
'Ik zie dat jullie hebben kennisgemaakt met mijn gast,' zei Bill Sychs droog.
Pippi keek de biograaf even en knikte. Adèle gaf op haar beurt Bill Sychs een zoen.
'Voor ons moeten jullie niet opstappen.'
'Dat weten we, oompje,' zei Adèle, 'maar we waren al een poosje aan het rondwandelen, dus gaan we maar.'
'Zoals jullie verkiezen.'
Pippi en Adèle stapten op de biograaf, die beleefdheidshalve was rechtgestaan, toe en gaven hem eveneens een zoen op de wang. Op het ogenblik dat hun lippen zijn huid aanraakten flitste een beeld van hun naaktheid door zijn hoofd.
'Misschien tot nog eens,' zei Pippi, die klonk alsof ze een hoogst amusante tijd met hem had doorgebracht.
'Prettige dag nog,' zei Adèle op veel neutralere toon.
De biograaf gaf een kort hoofdknikje en wierp een snelle blik op Bills Sychs om er achter te komen of die soms extra aandacht schonk aan zijn houding tegenover de meisjes. Maar Bill Sychs was al bezig zijn jas uit te trekken en leek met zijn gedachten ergens anders. Niet dat hij leek te piekeren, het was eerder een soort dagdromen dat hem in beslag had genomen. Dat "dagdromen" verdween pas toen de voetstappen en stemmen van Adéle en Pippi op de trap naar beneden waren weggestorven. Toen vroeg hij, alsof hij al de tijd met zijn hoofd elders was geweest: 'Koffie, zoals gisteren?'
'Graag,' antwoordde de biograaf. Met de meisjes weg beschouwde hij de fauteuil opnieuw als 'veilig', zodat hij niet opnieuw op de stoel ging zitten.
'Dan ben ik zo terug.'
Bill Sychs stak kortstondig zijn rechter wijsvinger op en begaf zich naar boven. Terwijl de biograaf in eenzaamheid wachtte op de terugkeer van zijn gastheer begon hij zijn mening over deze nogmaals te herzien. Bill Sychs' nagenoeg ongeïnteresseerde houding tegenover de twee meisjes kieperde de argwaan die hij even voordien had gekoesterd bij het vuilnis van verkeerde gedachten en foute veronderstellingen. Natuurlijk had Bill Sychs zijn desinteresse kunnen veinzen maar daarvoor kwam zijn houding te natuurlijk over. Hij was duidelijk één van die mensen die niet in staat was, of althans niet over de wilskracht beschikte, om een rolletje te spelen dat hem in staat moest stellen beter over te komen dan hij was. Gerustgesteld door zijn conclusie begon de biograaf weer uit te kijken naar het vervolg van de dag, tijdens de welke, zoals de avond voorzien was afgesproken, Bill Sychs zou beginnen met zijn verhaal. Zijn blocnote en pen zaten nog in de binnenzak van zijn jas maar in zijn verbeelding lagen deze al handenwrijvend te wachten om aan de slag te gaan. Zijn gedachten keerden echter terug naar de naakte Pippi en Adèle, zoals stukken strandspeelgoed die per ongeluk in zee zijn gesukkeld door een opkomende vloed terug op het strand aanspoelen. Was hij bij hun kennismaking nog uit zijn lood geslagen, dat kon hij nu alleen maar met een geamuseerde glimlach aan hen terugdenken. Nimfen, noemden ze zichzelf, omdat ze enkel relaties wilden aangaan met faunen of saters.
'Ik wens ze veel succes,' lachte hij binnensmonds.
Even later kwam Bills Sychs weer naar beneden.
'Hier zijn we er mee,' zei hij terwijl hij een dienblad met twee koffies op het salontafeltje zette. En hij vervolgde, terwijl hij zich naast de biograaf in de fauteuil liet zakken: ''t Zijn brave meisjes, hoor. Ze bedoelen niets kwaads met hun gedrag. Ik laat ze maar doen. In ruil voor mijn gastvrijheid stoven ze zo nu en dan, wanneer ik zelf geen zin heb om te koken, een potje voor me. Meer niet. Natuurlijk, onmogelijk is het nooit, dat een man van mijn leeftijd met zo'n meisjes verdere stappen zou willen of kunnen ondernemen, maar persoonlijk zou ik me in zo'n geval nogal ridicuul vinden. Dus wat mij betreft…'
'Maar…' De biograaf fronste de wenkbrauwen zo fors dat er drie diepe, verticale rimpels boven zijn neusbrug verschenen. Tegelijk moest hij evenwel ook opnieuw glimlachen. 'Ze noemen zich nimfen en hebben hun zinnen gezet op een relatie met een faun of een sater.'
'Oh, dat weet ik,' repliceerde Bill Sychs, zo nuchter dat hij een vanzelfsprekendheid aan de verlangens van de meisjes toedichtte die de biograaf iedere zin ontnam om het dwaze karakter van hun dromen nog verder in vraag te stellen.
'Maar daarvoor ben ik natuurlijk niet gekomen,' veranderde hij haastig van onderwerp.
'Zeer zeker niet, mijn beste,' antwoordde Bill Sychs met een schuin hoofdknikje. 'Als de koffie is doorgelopen en ik een paar slokken van dit verrukkelijke goedje tot mij heb genomen, steek ik van wal. Oh, en voor ik het vergeet: ik heb daarnet voor ons beide in het dorp enkele belegde broodjes gekocht, zodat we niet al te veel tijd verkwisten aan de lunch.'
Ditmaal glimlachte de biograaf geforceerd. Hij was zeker van plan flink door te werken, maar van zijn gewoonte om op tijd een deftige rustpauze in te lassen, week hij niet graag af. Bill Sychs besefte blijkbaar niet hoe belastend het was om gedurende lange tijd met volle aandacht iemands verhaal te aanhoren en al kon hij als excuus voor zijn onwetendheid dan wel enig gebrek aan ervaring met dit soort interviews aanbrengen, het getuigde wat de biograaf betrof toch wel van enig gebrek aan inleving.
'Ik las hoe dan ook enkele rustpauzes in,' zei hij, 'want het is cruciaal dat mijn hoofd helder blijft.' Hij dacht even na en vervolgde om zijn eerdere woorden te verduidelijken: 'U mag immers niet vergeten dat ik binnen een relatief korte tijdsspanne een massa informatie te verwerken krijg die ik zo accuraat mogelijk moet zien te registreren.'
Bill Sychs trok grote ogen en liet zijn mond openvallen. Het duurde blijkbaar even tot hij zijn misvatting inzag maar toen begon hij overtuigd te hoofdknikken.
'Ja, natuurlijk, dat is volkomen begrijpelijk,' zei hij.
De biograaf boog zich lichtjes voorover en keek naar de koffiefilters. De laatste druppels extract druppelden in de glazen koppen.
'Dat zal me smaken,' zei hij met een lichte zucht, 'want de koffie in de herberg is niet veel zaaks.'
'Daar kan ik helaas niet over meespreken,' verontschuldigde Bill Sychs zich, 'want ik heb nog nooit koffie gedronken in de herberg.'
'U mist niets.'
'Ik kom er trouwens maar zelden. Overdag is het er meestal uitgestorven en 's avonds is het er te druk.'
'Dat laatste heb ik ook al ondervonden.'
'De mensen hebben natuurlijk alleen de herberg. Het dorp heeft werkelijk niets te bieden. Ooit zijn er plannen geweest voor een bioscoop maar toen de initiatiefnemer een kosten-batenanalyse onder de ogen kreeg, lag het idee sneller in de prullenmand dan het aan zijn brein ontsproten was.'
'Hoeveel inwoners telt het dorp eigenlijk?' wilde de biograaf weten.
Bills Sychs moest hem een duidelijk antwoord schuldig blijven.
'Weinig,' zei hij, schouderophalend. 'De pessimisten gaan er trouwens van uit dat het dorp binnen een jaar of tien zal uitgestorven zijn. Zelf denk ik daar anders over. Het isolement en de leegte jaagt sommige mensen misschien wel weg, maar trekt anderen aan. Trouwens, hoewel de visrokerijrijen in de omgeving één voor één verdwijnen is de toekomst van de visverwerkende fabriekjes langs de kustlijn eerder rooskleurig.
'Maar stel dat het dorp daadwerkelijk leegloopt, wat zou u dan doen?'
Bills Sychs perste zijn lippen nadenkend opeen.
'Moeilijke vraag. Het liefst van al zou ik blijven, maar als ook de superette haar deuren sluit, zit ik met een groot probleem. Het volgende dorp is te ver om regelmatig boodschappen te gaan doen. Misschien doe ik er verkeerd aan de mogelijkheid dat het dorp verdwijnt te negeren maar ik wil er eerlijk gezegd ook niet aan denken.' De biograaf knikte begripvol en nam het bovenstuk van zijn koffiefilter weg. 'Ik beken,' besloot Bills Sychs, 'dat ik dat vooruitzicht min of meer verdring.'
'Nu, zo ver is het natuurlijk nog niet,' zei de biograaf met een glimlach, bedoeld om Bills Sychs gerust te stellen. Maar die leek zich, nu de onheilspellende optie ter sprake was gekomen, opeens behoorlijk zorgen te maken. Met gefronste wenkbrauwen nam hij op zijn beurt het bovenstuk van zijn koffiefilter terwijl hij nauwelijks zichtbaar met het hoofd begon te schudden.
'Zullen we dan maar van start gaan?' vroeg de biograaf, in een poging hem van zijn donkere gedachten te verlossen.
'Absoluut,' antwoordde Bill Sychs, die met een glimlach liet verstaan dat de biograaf in zijn opzet was geslaagd.

 

feedback van andere lezers

  • Greta
    Twee poedelblote nimfen. Zal maar niet vragen hoe je daar nou weer opkomt?
  • GoNo2
    Ik denk dat er aan die kust op de beroemde spinaziezalmforel gejaagd wordt.
    Geweldig duur, niet voor het plebs weggelegd. Waarschijnlijk de reden dat die superette zal moeten sluiten hé?
    Koyaanisqatsi: wegens alomtegenwoordige wegenwerken zal het alvast niet zijn...
Enkel ingeschreven gebruikers kunnen stemmen.

Totale score: 4

Uitstekend: 2 stem(men), 100%
Goed: 0 stem(men), 0%
Niet goed: 0 stem(men), 0%

totaal 2 stem(men)
Er zijn 3 bezoekers online, waarvan 0 leden: .