writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Strandstoelen

door kronos

'Kijk jij voor de strandstoelen?'
Het klonk koel en bot. Haar ogen blaften. Marie kon de kinderen niet langer in bedwang houden. Ze konthielden het mulle zand in. Daar stond ze nu met twee paar sandalen aan haar vingers gehaakt en een overladen tas tegen haar enkel geploft. Er stond een strakke zeewind. De lucht was warm.
'Heb je geld?' Jef stak zijn hand uit.
'Ja zeg, zie me hier staan. Je hebt toch ook wat bij?' Ze werd pissig.
Hij twijfelde even, tastte naar zijn achterzak en zonder haar aan te kijken, sprak hij : 'Nee, mijn portefeuille steekt in de tas.'
Hij richtte zijn blik gebiologeerd naar de zee. De golven zwollen hoog op en schuimbekten borrelend telkens ze uitgeraasd waren. Een mengeling van grijs, wit en bruin. Ze brachten onheil.
Met enkele nijdige halen zwierde Marie de inhoud van haar tas er uit. Handdoeken, zwempakjes, vers ondergoed en een paar magazines vlogen in het rond en rolden, meegenomen door de wind, buiten haar bereik.
'Hier dan!'
Met gestrekte arm knalde ze de portefeuille tegen zijn borst. Ze verwenste hem. Vijftien jaar waren ze gehuwd, ze hadden twee schatten van kinderen en hij bedroog haar. De smeerlap kroop met andere wijven in bed. Ze rook het en ze las het op zijn lippen wanneer hij onzinnige uitleg gaf. Bedriegers vallen door de mand hoe goed ze ook hun best doen. Terwijl ze de laatste zandkorrels uit haar spullen klopte, zocht Jef het strandhuisje op.
'An en Tom,' riep ze terwijl ze haar boeltje herschikte, 'in het droge zand blijven spelen hé. Niet te dicht bij het water naderen, de zee is veel te woest.' Met een bezorgd gezicht, zoals het een moeder past, hield ze haar kroost onder controle. De rimpels op haar gelaat vormden zich anders als ze haar kinderen bemoederde dan wanneer ze haar man aankeek.

'Twee stuks, graag juffrouw.'
Een prachtkind met blond haar in Baywatch badpak gaf hem twee plooizetels. Hij zocht haar ogen maar kreeg ze niet. Hij nam de stoelen aan en betaalde. Hij zeulde met beide handen stevig om de kaders geklemd richting Marie. De stof stond bol in de wind en in het zand kon hij nauwelijks koers houden. Dit was nu de énige inspanning die hij zich zou getroosten die namiddag.
'Hier.'
Hij gooide de stoel voor Marie's voeten en begon de zijne open te vouwen. Hij trok zijn schoenen en sokken uit, wriemelde met zijn tenen het zand weg en vleide zich zuchtend neer. Hij kruiste zijn armen op de borst, sloot zijn ogen en kon een glimlach op zijn lippen niet onderdrukken toen zijn gedachten onmiddellijk een sprongetje maakten naar Annie, zijn laatste lief.
Marie zat rechtop. Haar voeten wurmden zich in de onderlaag waar het zand veel koeler aanvoelde. De kilte klom langs haar dijen tot in haar bekken. Haar huid reageerde geprikkeld. Wat niet meer zo was wanneer Jef haar aanraakte. Telkens hij toenadering zocht, kroop ze op handen en voeten haar meters dikke bunker in. Het was er vochtig en kil maar het bood tenminste bescherming. Maar ze bleef er telkens langer en dit kon niet blijven duren. Haar kinderen ontbeerden aandacht. Jef moest weg, maar hoe?

Ze aanschouwde haar kroost en zag dat An en Tom geknield schelpjes bijeen zochten die ze in een emmertje kletterden. Een eind in zee vormde zich een bel als een blaas die door de gescheurde buitenband van een fiets puilt. Of was het inbeelding? Marie was moe. Gans het huishouden rustte op haar schouders en er ging geen dag voorbij of er was ruzie met Jef en in haar vesting kon ze de slaap niet vatten. Onzekerheid en achterdocht zogen haar leeg. Ze leunde achterover en viel in slaap.

De wind viel, de zon verdween en de lucht kleurde onbeschrijfelijk paars. Daar waar Marie de bel gezien had, dook een schim op. Een hoofd, daarna een torso en het ding kwam richting strand uit. IJzige stilte alsof de natuur de adem inhield. De zee een gladde spiegel. Kleurloos. An en Tom versteend als gecementeerde zandsculpturen. Jef sliep, snurkte zelfs. Er was niemand meer in de buurt. Alsof iedereen gevlucht was voor de ramp die vorm aannam. Ook het zwemmodel viel nergens meer te bespeuren. Het silhouet werd duidelijker naarmate het naderde. Een mannenfiguur in zwart glad rubber. In de nek gesluierd met slierten zeewier. Vocht op de kunststof trok verschrikt weg als water op een hete plaat. Zoutranden werden zichtbaar. In de rechterhand een metalen revolver, strak langs de dij. Water uit de loop van het wapen als een lekkende kraan. Robotstappen, sporen nalatend in het zand. Geruisloos, zelfverzekerd mechanisch op het doel af.
Zweet breekt uit, manifesteert zich uitbundig als opstandelingen op het voorhoofd van Marie. Haar hart ligt open en bloot bonkend op de borstkast. De armleuningen versplinteren onder de druk van haar handen die wurgen als pneumatische tangen.
'Nee, niet de kinderen,néé!'
Marie kan geen kant op, gebetonneerd, vast gebeiteld in haar zitje. Haar voetzolen gloeiend heet van angst, niet meer die heerlijke koelte. De kikvorsman houdt halt, staat wijdbeens vlak bij haar. Geen mond, geen ogen. Rubber, een dreigende zwart blinkende huid. Inmiddels opgedroogd. De rechterarm, gestrekt, maakt een opwaartse beweging tot schouderhoogte. Vast, secuur, perfect. De hand omknelt de kolf. De wijsvinger glijdt naar de trekker. Het laatste kootje neemt zijn plaats in. Een stukje huid en wat bot omzwachteld door waterdichte stof, voldoende om een kogel door de loop te jagen. De haan helt achterover en valt, valt tergend traag, in slow motion.
'Mijn God, néé! An, Tom!'
Percussie. Een knal. De paarse lucht knijpt de ogen dicht. De zee splijt. Het zand verdwijnt in de scheurende aarde. De kogel trekt een witte streep als een opgespannen nylondraad.
'Godver!' Jef tikt de vingers tegen zijn voorhoofd. Een plakkende smurrie als rek aan zijn hand.
Marie schrikt op. 'De kinderen!'
Haar ogen flitsen en treffen instinctief haar hartedieven. Ze hebben al een aardig hoge toren ineen gekunsteld. De zee grommelt nog steeds, de rode vlag flappert en het is nog warmer geworden. Haar lichaam doet drie stappen achteruit, zet zich neer en blaast lucht uit. Nu pas richt ze haar aandacht op Jef.
'Wat is er?'
'Shit, shit, shit. Een meeuw heeft op mij gescheten. Stront, pal op mijn kop! Verdomme. Bezie! Jekkes. Heb je tissues bij?'

 

feedback van andere lezers

  • miepe
    ik plakte ook op het scherm!
    kronos: oei, niet teveel schade hoop ik!
  • aquaangel
    komt zelfs hard aan op je kop
    die stront hoor!! spreek uit ervaring
    hahaha.
    Ik dacht ook: zweet brak uit, maar ik las
    je reactie aan Roland al.

    kus en leuk om te lezenx
    kronos: hé dank je wel, eum...tissue? aub!
  • RolandBergeys
    Leuk en goed geschreven. Waarom gebruik je plots de tegenwoordige tijd vanaf zweet breekt uit?
    kronos: ik wou de lezer bij zijn kraag vatten en dichter tegen het scherm plakken!
  • lin
    Wat een mooi stuk tekst! Adembenemend gelezen. Werkelijkheid en fantasie mooi door elkaar verweven.
    Twee foutjes in:

    kwam de richting strand uit. Ijzige

    haal -de- daaruit weg en maak ook de J in IJzige een hoofdletter.
    Graag gelezen!
    kronos: foutjes aangepast, dank je!
  • Ghislaine
    Adembenemend mooi collega.
    kronos: waarvoor dank!
  • lilKim
    Goede schets van de familie, grappig en onverwacht einde.
    kronos: ok, thx!
  • ivo
    grappig en vooral ook zeer 'echt'. Die schijtvogels kunnen er wel wat van ..
    kronos: tja, zal je maar overkomen!
Er zijn 5 bezoekers online, waarvan 0 leden: .