writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

KANTOORPERIKELEN (Opschudding bij Doevenspeck NV)

door koyaanisqatsi

Missy stapte uit lift en rook meteen onraad. Het personeel van Doevenspeck NV zat niet als naar gewoonte en zonder uitzondering op zijn stoel geplakt maar had zich in drie afzonderlijke, fluisterende groepjes opgesplitst Dame Wittemaier, de verantwoordelijke voor het aannemen van pakjes en brieven, scheidde zich van haar groepje af en kwam met de voor haar zo typisch korte pasjes op Missy toegelopen. De rest van het personeel keek even in haar richting, leek collectief opgelucht dat het "maar" de postbode was die hun samenscholing kwam verstoren en zette zich opnieuw aan het fluisteren.
Missy legde haar postzak op de balie en wilde de voor Doevenspeck NV bestemde brieven bovenhalen maar werd door dame Wittemaier letterlijk op de vingers getikt.
'Moet je horen, Missy,' zei deze, op een toontje dat haar potige gedrag probeerde te verantwoorden, 'de baas heeft een vuile.'
'Een wat?'
'Een vuile...' herhaalde dame Wittemaier.
Missy trok haar wenkbrauwen op en duwde haar stevige onderlip met volle gewicht naar buiten.
'De sief...' fluisterde dame Wittemaier.
'Ik begrijp het niet...'
Dame Wittemaier haalde op haar beurt de wenkbrauwen op en schudde het hoofd.
'Meisje toch... Hij heeft een geslachtsziekte opgelopen.'
'Oh...' reageerde Missy droogjes.
Dame Wittemaier zette haar handen in haar zij en gromde: 'En dat is alles wat jij kan zeggen? Sorry hoor, maar je ontgoochelt me een beetje. Zijn wij hier niet altijd vriendelijk en gastvrij tegen jou? Bieden wij jou niet regelmatig een kopje koffie met een koekje aan? Wensen wij jou nooit zonder uitzondering een Prettige Kerst, een Gelukkig Nieuwjaar of een Zalig Pasen? Of besef jij de ernst van de situatie misschien niet?'
Missy begon ontwapenend te glimlachen.
'Ik vrees van niet, dame Wittemaier. Het is natuurlijk niet leuk zo iets te moeten horen, maar het is in de eerste plaats toch een probleem van de baas?'
Dame Wittemaier gaf Missy een begripvol schouderklopje en zei: 'Ach ja, meisje, natuurlijk. Jij kent het hele verhaal nog niet. Maar sta me toe even te verduidelijken. Een half uur geleden kwam mevrouw Doevenspeck, de echtgenote van de baas, het kantoor binnengestormd zonder ook maar iemand een goeiemorgen te wensen -wat al heleml niet van haar gewoonte is. Horen wij daar vervolgens in de baas zijn bureau een tirade losbarsten waar zelfs de koelste kikker rillingen van over zijn rug zou krijgen. Ik ga niet herhalen welke namen de baas naar het hoofd geslingerd kreeg, maar geloof me, netjes waren ze niet. En die uitbarsting duurde zo'n vijf minuten. Toen kwam mevrouw Doevenspeck met het schuim op de lippen en tranen in de ogen opnieuw naar buiten en schreeuwde ze ons toe: 'En dat die smerige teringhoer die hiervoor verantwoordelijk is zich maar bekendmaakt, of ik laat jullie d'r allemaal uitsmijten door papa! Samen met die smeerlap daar binnen! En kom me niet vertellen dat het niemand van jullie is, want dat stuk miserie dat zich vooralsnog mijn man mag noemen komt na de kantooruren nooit buiten zonder mij. Jullie hebben het gehoord: morgenochtend sta ik hier weer en maakt het pokkenwijf dat mij via mijn zogenaamde echtgenoot met syfillis heeft opgezadeld zich bekend. Of ik stap naar mijn vader en laat de boel hier opdoeken.'
Missy keek ontzet en klakte een paar keer met haar tong.
'Nu begrijp ik het,' zei ze hoofdschuddend. 'Wat een vervelende situatie.'
'Tja, en mevrouw Doevenspeck kennende...' zuchtte dame Wittemaier. 'Nu ja, Doevenspeck NV is in feite niks anders dan een huwelijkscadeau van haar vader, een stinkend rijke rentenier die zijn schoonzoon niet zo maar van het fortuin van zijn dochter wilde laten genieten. Dus het is zo klaar als een klontje: n vingerknip van die man en we belanden binnen de kortste keren allemaal op de keien.'
Een piepend geluid deed alle stemmen verstommen. De baas verscheen in de deuropening van zijn kantoor en wenkte Missy tot bij hem. De postvrouw keek verbaasd naar dame Wittemaier, maar die was zelf te verrast om ook maar eender welke grimas op haar van nature uitdrukkingsloze gezicht te leggen, en toen de baas zijn gebaar herhaalde, durfde Missy niet anders meer dan gedwee te gehoorzamen.
'Zou u zo vriendelijk willen zijn even binnen te komen?' vroeg de baas met een grafstem.
Missy begreep er nog steeds niks van, vroeg dame Wittemaier om even op haar postzak te letten en stapte het kantoor binnen.
De baas sloot de deur, bood Missy een stoel aan en kroop zelf op een houterige manier achter zijn bureau.
'Ik veronderstel dat dame Wittemaier u al verteld heeft wat zich hier vanochtend heeft afgespeeld,' begon hij.
Missy haalde beleefdheidshalve de schouders op.
'U hoeft zich nergens voor te schamen,' zei de baas. 'Ik ken mijn personeel: roddelaars, zonder uitzondering; zowel de vrouwen als de mannen.'
Missy schraapte haar keel en zei: 'Nou meneer, ik kan alleen maar zeggen dat ik het erg vervelend vind voor u.'
De baas moest even slikken en antwoordde: 'Da's heel vriendelijk. Maar dat was niet de reden waarom ik u riep. Begrip en medeleven helpen mij immers geen stap verder. Ik kan niet onder de feiten uit, maar de waarheid kan ook niet aan het licht komen, laat zoveel duidelijk zijn.'
Missy zonk nog wat dieper weg in onbegrip. Wat had zij, een eenvoudige postbode en een absolute buitenstaander, hier in godsnaam mee te maken? Wat zat zij hier in feite te doen? Ze had al lang op de derde etage moeten zijn, bij Klostermans en Vergieters. Ze liep achter op haar tijdsschema en de stapel aangetekende brieven voor Vzw Red De Wielewaal, de failliete groene sukkels die binnen enkele dagen uit hun kantoor op het vierde werden gezet, zou ongetwijfeld voor nog meer vertraging zorgen.
Zo kon het niet langer blijven duren, en hoewel het absoluut niet in haar aard lag om tegen personen die hoger op de maatschappelijke ladder stonden lastig te doen, zei Missy: 'Neemt u het me alsjeblief niet kwalijk, meneer, maar ik heb nog heel veel werk te doen. Dus als u het...'
'Oh, maar ik kom meteen ter zake!' onderbrak de baas -hij sprak plots zo haastig dat zijn stem er van omhoog schoot. 'Ik wilde u namelijk geld aanbieden, veel geld... En het enige dat u daarvoor moet doen is morgen aan mijn vrouw bekennen dat u n keertje met mij intiem bent geweest.'
Het leek alsof er een loden bol door Missy's keel donderde. Geschrokken wipte ze zelfs even van haar stoel op terwijl haar donkere huid bleek wegtrok.
'En waarom zou ik zo iets moeten doen?' vroeg ze, met moeite haar verbolgenheid onderdrukkend. 'Kan de dame die de oorzaak is van uw ongemak haar verantwoordelijk niet nemen, soms?'
'Nee,' antwoordde de baas zachtjes.
'U klinkt niet overtuigend. Als ik u was, zou ik maar eens flink aandringen bij die mevrouw. Per slot van rekening ligt het lot van haar collega's in haar handen.'
'Onmogelijk,' zei de baas met een van wanhoop trillende stem.
'Wat is dat voor flauwekul!' riep Missy, die het stilaan welletjes vond. 'Geeft u toch gewoon toe dat u het niet eens aandurft het haar te vragen. Angst voor niks, meneer, want vrouwen zijn veel sneller bereid hun verantwoordelijkheid te nemen dan u denkt.'
'Maar dat is het 'em juist,' huilde de baas nu bijna. 'Er komt geen vrouw aan te pas. Het was meneer Korfonkel...'
'Meneer Korfonkel?!' Missy's mond viel wagenwijd open. 'De meneer van de boekhouding?!'
De baas zijn hoofd zakte zo diep voorover dat het heel even dreigde van zijn romp te scheuren. Maar dan herpakte hij zich, weliswaar stevig nasnikkend, en zei: 'Kijk, juffrouw, u komt uit Afrika, nietwaar? En daar neemt men het allemaal niet zo nauw met de zeden, nietwaar? En de ziekten liggen er voor het oprapen, nietwaar? En u bent de enige dame, buiten mijn vrouwelijke personeelsleden, die in aanmerking komt om zogezegd een scheve schaats mee te rijden. Dus... Als u nu morgen, in ruil voor een flinke stapel geld, aan mijn echtgenote bekent dat wij n enkel onschuldig keertje intiem zijn geweest, dan vallen de brokken misschien nog te lijmen...'
Het leek of al het bloed uit Missy's lichaam naar haar hoofd borrelde. Haar nochtans stevige lichaam begon te trillen als het uitgemergelde lijf van een stervende hongerlijer. Ze balde haar vuisten en perste haar tanden op mekaar. Na vijf jaar Babylon sprak ze al een aardig mondje lokaal gezwets, maar ditmaal belemmerde onderdrukte razernij iedere ontwikkeling van het gesproken woord. Het beteuterde smoelwerk van de ongelukkige schuinsmarcheerder verraadde dat hij de boodschap begrepen had en net zo houterig als hij was neergestreken kwam de baas -godzijdank hr baas niet!- opnieuw van achter zijn bureau gekropen om haar haastig -voor ook zij in een scheldkannonade losbarstte-uitgeleide te doen.
Missy donderde als het ware het kantoor uit, joeg alleen al door haar woeste blik het personeel als bange wezels naar alle windrichtingen uiteen, graaide de post voor Doevenspeck NV uit haar postzak, smeet alles op de balie en zei, luid maar beleefd: 'Een goeiedag nog allemaal, het was aangenaam u te hebben gekend!' en stapte de lift in, op weg naar de volgende verdieping.

 

feedback van andere lezers

  • RolandBergeys
    -smeet alles op de balie en zei, zou die en weglaten, wat verder zit je reeds met en stapte de lift uit.

    Weer superleuk geschreven, boeiend, grappig.
    koyaanisqatsi: thnks master R.
  • ivo
    knap hoor amai
    koyaanisqatsi: die arme schoonzoon denkt daar anders over...
  • lilKim
    Ook deze is weer hilarisch.
    koyaanisqatsi: thnks Kimmeke
  • aquaangel
    ja ja een pracht exemplaar deze stamt nog uit je lange verhalen tijd
    je maakt ze nu iets korter per plaatsing (beter) hihi
    xx
    koyaanisqatsi: Ach... Doevenspeck... dat waren nog eens tijden...

    xx
Er zijn 5 bezoekers online, waarvan 0 leden: .