writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het Verval (30)

door koyaanisqatsi

Ze zijn zeldzaam, maar ze bestaan nog en ik kende een locatie. Ik sta op het punt naar binnen te gaan en bereid me voor op grimmiger reacties dan verontwaardigde blikken. In de hoogdagen van de trend was ik er al een paar jaar te oud voor, nu ben ik de levend geworden definitie van een anachronisme.
In de gang kom ik de eerste twee species van de net niet uitgeroeide punksoort tegen. Twee gasten van een jaar of twintig, de ene met een kaalgeschoren hoofd, de andere met gitzwart stekelhaar. Hun oren en neus steken vol pinnen en ringen, het lijdt geen twijfel dat zelfs de slechts functionerende metaaldetector hysterisch alarm zal krijsen bij hun doorgang. De kaalkop zijn gezicht is opvallend pokdalig, met hier en daar rode pukkels, het stekelvarken ziet erg bleek; punk en er gezond uitzien, gaan niet echt samen.
Stekelvarken kijk me verbaasd aan, Kaalkop negeert me volkomen. Ik verwacht dat Stekelvarken Kaalkop op mijn verschijning zal attent maken, maar de twee lopen me gewoon voorbij, naar de uitgang.
Licht ontgoocheld vervolg ik mijn weg. Ik nader een dubbele, mat zwart geschilderde deur die dreunende gitaarsalvo's en hoog krijsende stemmen tegenhoudt. Ik duw de deur open en kom terecht in een donker hol van barkrukken, kapotte zetels, een lege dansvloer, gothische silhouetten en een wolk sigarettenrook met de geur van marihuana. De muziek slaat me om de oren; zowel de gitaren als de zangers getuigen van een razernij die niet anders dan als oprecht kan omschreven worden. Deze jongens menen het; hun compositie, of je ze nu kunt aanhoren of niet, komt recht uit het hart; een hart dat verteerd wordt door de onzekerheden van de jeugd en het gevoel van verraad door de volwassen wereld dat daar voor een deel voor verantwoordelijk is.
De eerste blikken beginnen te priemen maar voorlopig is er nog geen teken van agressie. Een klein meisje met kapotgeblondeerde haren loopt me voorbij, keurt me ostentatief van kop tot teen en loopt hoofdschuddend door. Het is de eerste moedige reactie op mijn potsierlijke figuur sinds ik uit de kappersstoel ben gestapt.
Ik begeef me naar de tapkast en knik naar de barman, een jongeman met kort, donker krulhaar, in een strak zwart t-shirt en een leren broek.
'Pils !' probeer ik de muziek te overstemmen.
Terwijl de barman een glas vol tapt bekijk ik mezelf in de smerige spiegel achter de toog. Mijn nieuwe look is beslist geen verbetering, maar ik ben hoe dan ook niet meer voor verbetering vatbaar.
Iemand tikt me op de schouder. Ik draai me op, een kolos van een kerel met een rode hanekam ontneemt me alle zicht.
'Goed geprobeerd, oom agent!' zegt hij, 'als er zo iets moest bestaan als een wedstrijd voor de origineelste undercover, dan zou je beslist kans maken om de eerste prijs in de wacht te slepen !'
Een nieuw nummer raast door de boxen, zo mogelijk nog rauwer dan het voorgaande. De kolos kijkt me nog heel even recht in de ogen en verdwijnt vervolgens naar een diepe, donkere uithoek naast een deur waarop een koperkleurige afbeelding van een plassend mannetje staat.
Daar had ik zowaar niet aan gedacht! Spot of aanvaarding waren de twee enige mogelijkheden waarmee ik rekening had gehouden. Wantrouwen, en daarbij aansluitend de gedachte dat ik een flik kon zijn, had ik domweg over het hoofd gezien.
Opnieuw tikt iemand me op de schouder; ditmaal de barman die een pils voor me heeft neergezet en op zijn geld wacht. Ik ga in mijn broekzak, smijt een handvol muntstukken op de toog en geef met een handgebaar te kennen dat hij het surplus mag houden. Dan neem ik een flinke slok van mijn glas en besluit achter de kolos aan te gaan. Hij heeft zich in een zetel naast de herentoiletten geploft en verkeert in het gezelschap van een meisje met kort blond haar. Ik zet mijn glas op het tafeltje voor hem, ga op een laag barkrukje zitten, buig me naar hem toe en zeg : 'Denk je echt dat flikken zo dom zijn ?'
Hij kijkt me dreigend aan, buigt zich op zijn beurt naar mij toe en antwoordt : 'Nog veel dommer!'
Het meisje reageert niet. Ze leunt achterover en staart in het half duister. Ik merk dat ze een zo goed als opgerookte joint in haar hand houdt -apestond, luidt mijn diagnose.
'Luister vriend,' zeg ik tegen Hanekam, terwijl ik een beetje dichter naar hem toeschuif. 'De grondleggers van de punkbeweging zijn ondertussen al net zo oud als ik, dus waarom zou ik niet gewoon n van hen kunnen zijn ?'
Hanekam trekt aan de omslagen van mijn vest.
'Mijn maatpak?'
Hanekam knikt.
'Beste vriend, punk zit in je hoofd, niet in je kleren!'
Ik geef hem een kameraadschappelijk klapje op de dij, neem mijn glas en ga terug aan de tapkast staan.
'En-nul voor Saterman,' zeg ik tegen mijn vage spiegelbeeld, alsof ik een grootse triomf in een belangrijk politiek debat heb behaald.

 

feedback van andere lezers

  • Wee
    (In regel n: locatie zonder s?)
    x
    koyaanisqatsi: bij deze rechtgezet ;-)
  • aquaangel
    apestond, luidt mijn diagnose.

    of apenstoned?

    Graag gelezen, goed werk as always

    aqua x
    koyaanisqatsi: thnks...
    het is maar ??n aap... daar blijf ik bij... xxx
  • sabineluypaert
    hazo zit dat in je hoofd hehe, leuk stukje weeral, just die stoned effe aanpassen
    koyaanisqatsi: sorry, ben te stoned...
Er zijn 8 bezoekers online, waarvan 0 leden: .