writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

Het Verval (47)

door koyaanisqatsi

'Juffrouw, zou dit van u kunnen zijn ?'
Ze kijkt in mijn richting, laat zich uitbollen, keert om en komt naar me toe. Het slagen van mijn opzet zou een stroomstoot van opluchting door mijn lijf moeten jagen maar ik voel slechts woede omdat het me niet lukt het beven van mijn uitgestoken hand onder controle te krijgen. Het meisje trekt haar fijne wenkbrauwen in boogjes en begint het hoofd te schudden terwijl ze de halsketting met een glimp van verwondering bekijkt.
'Ik vond het eergisteren, toen ik op stond om naar huis te gaan; en omdat u even tevoren was gepasseerd, dacht ik…'
Opzettelijk, om spontaner te klinken, maak ik mijn zin niet af. Ik profiteer van haar bestuderende blik op het juweel om het meisje zelf gefixeerd op te nemen. Van dichtbij is ze nog mooier dan vanop enige afstand; een natuurlijke schoonheid, zoals je ze maar zelden ziet.
'Nee, meneer, dat is niet van mij…' zegt ze met een glimlach.
'Oh, maar u mag het hebben,' reageer ik meteen -als ik haar terug aan het lopen laat, is mijn kans voorgoed verkeken. 'Het is geen goedkoop prul hoor. Ik had gisteren toevallig een vriend op bezoek die goudsmid is, en die wist me te vertellen dat het tweeëntwintig karaat goud moet zijn.'
Ervan overtuigd dat ze te beleefd is om te weigeren, duw ik haar het halssnoer opdringerig toe. Precies zoals verwacht neemt ze het aan. Haar vingers raken heel even mijn hand; ze voelen warm en klam, wat eenvoudig te verklaren valt door haar geleverde inspanningen.
'Het is erg mooi,' zegt ze, terwijl ze de ketting bewonderend voor zich uit houdt, 'fijn, eenvoudig, en daar hou ik wel van. Maar ik kan het niet aannemen, meneer. Het is erg vriendelijk van u, maar u bent de eerlijke vinder en zal toch wel iemand in uw omgeving kennen die het krijgen van zo'n vondst op prijs moet stellen.'
'Ik vrees van niet,' antwoord ik overtuigd, 'ik ben enkele maanden geleden weduwnaar geworden en heb geen naaste familie; althans niet van het vrouwelijke geslacht.'
Is het omdat ik niets meer haat dan de leugen, dat ik opzwel van fierheid door deze woorden over mijn lippen te krijgen? Ik spuug op het argument 'nood breekt wet', heb medelijden met het infantiele excuus dat 'leugen om bestwil' heet, en toch ben ik begonnen me een weg te banen doorheen de dikke schimmelkorst van een laagbijdegronds bedrog.
Het gelaat van het meisje wordt overtrokken door een doorzichtige sluier van medeleven. Ze laat het halssnoer voorzichtig in haar handpalm ineen rollen, fronst haar wenkbrauwen nadenkend, klakt zachtjes met haar tong en zegt : 'Een goeie vrouwelijke collega, is dat geen mogelijkheid?'
De vrouwelijke collega's passeren de revue als een rij marcherende tinnen soldaatjes. Ze zijn even snel voorbij als ze gekomen zijn; met de vluchtigheid die ze verdienen.
'Er komt maar één collega voor in aanmerking,' antwoord ik met mevrouw Debruyn in het achterhoofd, 'maar dat is een dame die gebukt gaat onder een erg ongelukkig huwelijk en zo iemand zou zo'n attentie van een weduwnaar wel eens verkeerd kunnen opvatten.'
'Da's wel doordacht,' merkt het meisje op terwijl ze voor de derde maal haar wenkbrauwen fronst.
'Ik wil geen complicaties in mijn leven.'
Het meisje staart in haar handpalm alsof er zonet een vlinder is op neergestreken. Het afbreken van haar training begint sporen te vertonen: haar borstkas gaat stevig op en neer, spatjes zweet beginnen zich als ragfijne stippen in haar lichtgrijze topje te nestelen, haar voorhoofd krijgt een vochtige glans, de haarpunten in haar nek klitten samen en worden iets donkerder, krijgen een bruingele glans.
'Het slot was een beetje verwrongen, waarschijnlijk heeft de eigenaar het daardoor verloren,' verbreek ik de stilte. 'Maar dat had mijn vriend in geen tijd hersteld.'
Het meisje kijkt me recht in de ogen; heel even voel ik een verliefdheid opdoemen die mijn hele onderneming dreigt te verpulveren tot een stapel gruis van belachelijkheid en debiel bedrog.
Ik mag mijn doel, voor zo ver ik het een doel mag noemen, niet uit het oog verliezen, niet laten wegdrijven als een stuurloos schip dat voorgoed aan de horizon zal verdwijnen. Als een gauwdief pluk ik het halssnoer uit haar handpalm, met de vingervlugheid van een goochelaar heb ik slot geopend, seconden later siert het haar hals.
'Zo, en daarmee is de discussie gesloten,' zeg ik vastberaden.
'Dat is echt heel vriendelijk,' bedankt ze, 'kan ik u ergens een plezier mee doen?'
Ik wuif haar voorstel weg, zie hoe ze een steelse blik op mijn boek, dat ik dichtgeslagen op de zitbank heb neergelegd, werpt en ga terug zitten.
'Het is u van harte gegund, juffrouw,' zeg ik, met een lichte zucht die tevredenheid om haar aanvaarding moet uitdrukken, 'en vergeef me mijn directheid, maar het staat u ronduit prachtig.'
'Dank u…'
Er verschijnt een fijne glimlach op haar vochtige lippen, ze slaat verlegen de ogen neer; met een hand trekt ze het halssnoer een beetje naar voor, zodat ze het nogmaals kan bewonderen. Het heeft er alle schijn van dat ze wegzinkt in gedachten, maar dan laat ze de ketting los en zegt, op een toon die verraadt dat ze geen definitief afscheid van me neemt: 'Ik moet gaan. Meneer, nogmaals: hartelijk bedankt,' waarop ze me nog een keer op haar ontwapenende glimlach trakteert en het opnieuw op een lopen zet.

 

feedback van andere lezers

  • aquaangel
    mooi dat van die schimmelkorst............ zulke beelden kan ik wel aan jou over laten x
    koyaanisqatsi: lijkt me wel wat... jachie-achtig...

    xx
  • SabineLuypaert
    zitten weer leuke vondsten in (smile) diek graag las en genoot
    koyaanisqatsi: graag gedaan...
  • muis
    Hij heeft mooi geprobeerd:)
    groetjes
    koyaanisqatsi: inderdaad
Er zijn 7 bezoekers online, waarvan 0 leden: .