writehi(s)story Passie voor schrijven
home   wat is writehi(s)story?   bladeren   uitgeven   gezamenlijke publicaties   boekenwinkel   manuscriptanalyse   inschrijven   contact   
top 10   wedstrijden   forum   hulp   
 
naam:  
pass:  


wachtwoord vergeten?
 
 

Volg ons op facebook

Ga naar chat

< terug

Betere leesbaarheid

De Penseeltrekken van Ensor Buscapé (36 - In de Penitentiaire Instelling)

door koyaanisqatsi

Achter de toegangspoort lag een korte gang die zich opsplitste in twee langere, schuin van mekaar weglopende gangen. De splitsing naar rechts liep dood op een stalen deur, de splitsing naar links op een getralied hok waarin twee cipiers op een bank zaten te keuvelen.
Moeder trok heel even aan mijn mouw, wat volgens mij een verborgen zenuwachtigheid verraadde. Verborgen, omdat ze verder met een zodanig ijzige kalmte op de cipiers toe stapte dat het wel leek of een gevangenis bezoeken dagelijkse kost voor haar was.
Pas toen we dicht genoeg genaderd waren om het wit van hun ogen te zien, onderbraken de cipiers hun praatje. Ze trakteerden ons op die typische, brutaal taxerende blik van personen die zich ten volle gesteund weten door een onwankelbaar en gezichtsloos repressieapparaat en wachtten zwijgend af.
'Goeiedag, heren,' begon mijn moeder onverstoord, 'wij komen voor een jongen die in voorhechtenis zit in de jeugdafdeling; jammer genoeg kennen we alleen zijn voornaam; ik hoop dat dat voldoende is.'
Eén van de cipiers, een dikbuikige vent met een dikke zwarte snor en een getaande huid, blies door zijn neus, stond recht, liep naar een tafel waarop een dik logboek lag opengeslagen en vroeg, zonder ons aan te kijken: 'En hoe mag die jongen van u heten? Mét zijn voornaam…'
'Zepinho,' antwoordde mijn moeder opvallend zacht, alsof ze daardoor Zepinho zo sterk mogelijk probeerde te vermenselijken.
'De moedermoordenaar?' vroeg de cipier zonder de minste emotie terwijl hij een wijsvinger over de rechter bladzijde van het logboek liet gaan.
'Ja,' antwoordde mijn moeder zonder aarzelen.
'Dan hebt u geluk,' zei de cipier, 'want ik zie dat vandaag de eerste dag is dat hij van iemand anders dan zijn advocaat bezoek mag ontvangen. Blijkbaar is het onderzoek afgehandeld.'
Moeder keek me aan met een ernst die niets dan vrouwelijke moed uitstraalde. Op dat ogenblik schoot er een flits van bewondering voor haar door me heen, die nooit meer weg zou gaan. Ik besefte dat ze niet uit sensatiezuchtige nieuwsgierigheid, wraakgedachten tegenover een moedermoordenaar of eender welke, weinig nobele ingeving met me was meegekomen, maar uit liefde voor mij en uit een welgemeend verlangen om Zepinho's kant van het verhaal te horen.
'Kunnen we hem dan zien, meneer?' vroeg ze, met klasse.
'Moment,' mompelde de cipier. Hij haalde een sleutel uit zijn broekzak en opende het hok om ons binnen te laten. Van zodra we ons in het hok bevonden sloot hij het opnieuw af, waarna hij zonder verdere uitleg zei: 'Procedure.' Vervolgens opende hij achterin het hok, met dezelfde sleutel, een stalen deur die uitgaf op een groot, verlaten binnenplein.
'Ik sluit wel af,' zei de andere cipier, die al die tijd als een aardappelzak op de bank was blijven zitten.
De eerste cipier knikte en gebaarde dat we hem moesten volgen. Door een ongewild steelse blik merkte ik hoe de andere cipier met priemende ogen mijn moeder nakeek. Als een goede beschermheer wilde ik hem toesnauwen mijn moeder niet aan te gapen als vulgair lustobject maar ik was te zeer onder de indruk van de benauwende atmosfeer van de omgeving om ook maar een kik te geven.
Langzaam stappend staken we het binnenplein over. Hoewel je voelde dat de gevangenis zat volgepropt met gedetineerden hing er een merkwaardige stilte tussen de bakstenen binnenmuren waarin slechts hier en daar kleine, getraliede vensters zaten. Het grootste deel van het plein was met hoge hekken van een mix van staaldraad en tralies opgedeeld in doorgangen en ruimten, waarschijnlijk bedoeld om de gevangenen van de diverse afdelingen tegelijkertijd maar van mekaar gescheiden te luchten. De troosteloosheid van de opeenstapeling van steen, beton, ijzer, staal en aangestapte aarde liet er geen twijfel over bestaan: de schamele ogenblikken dat de gedetineerden dagelijks van de open lucht mochten proeven, hadden niets met bekommernis om hun lichamelijke en geestelijke gezondheid te maken maar alles met een door de wet opgelegd recht en het hieruit voortvloeiende voordeel dat hun opgekropte woede en frustraties op regelmatige tijdstippen letterlijk werden afgekoeld.
De cipier leidde ons een nieuwe gang in. Daar vroeg hij ons bij een dubbele klapdeur te wachten terwijl hij even verderop een kantoor binnenging.
Moeder glimlachte me geruststellend toe, alsof ze zonder woorden wilde zeggen: 'Het komt allemaal in orde.' Ik glimlachte geforceerd terug terwijl mijn handen zich achter mijn rug in allerlei zenuwachtige bewegingen kronkelden.
De cipier zijn hoofd kwam tevoorschijn. Hij wenkte ons en dus gingen we gehoorzaam -iets anders dan gehoorzamen valt er voor een bezoeker in de gevangenis niet te doen- het kantoor binnen. Daar zat een derde cipier achter een groot bureau waarop alweer een logboek lag.
'Hier namen, voornamen, geboortedatums en -plaatsen en verwantschap of andere affiniteit met de bezochte persoon invullen,' bromde hij, terwijl hij ons het logboek en een balpen toeschoof.
Moeder vulde netjes het gevraagde in. Als zogenaamde affiniteit met Zepinho schreef ze met een zuivere eerlijkheid "vriend en moeder van vriend" neer. Heel even vreesde ik dat we daarop op een "njet" zouden stuiten, maar de cipier zag blijkbaar geen graten in onze onbestaande verwantschap en legde het logboek zonder veel omhaal terug op zijn plaats.
'Mijn collega brengt u naar de bezoekzaal,' zei hij, met een hand naar onze begeleider wijzend. 'Denk eraan, geen fysiek contact. En tja, u bent vrij laat, de bezoekuren zijn al even aan de gang, dus lang zal u niet kunnen blijven, vrees ik.'
Moeder gaf een dankbaar hoofdknikje; ik aapte haar gedwee na. We verlieten het kantoor, gingen nu de dubbele klapdeur door, liepen twee cipiers die er opvallend jong uitzagen voorbij en werden binnengelaten in een kleine zaal.
Pas daar zag ik voor het eerst wat men een gedetineerde noemde. Het was een kereltje van mijn leeftijd, gekleed in een stijf grijs hemd en een spijkerbroek, en met een tronie waar de onverbeterlijke deugnieterij van afdroop. Hij zat achter een wand van hout en kippengaas en praatte fluisterend tegen een oudere vrouw met een kromme rug die haar gelaat probeerde te verbergen onder een diep over haar voorhoofd getrokken sjaal. Achter de knaap deed een cipier met de armen gekruist en een blik op oneindig een lachwekkende poging om discreet op de achtergrond te blijven.
'Gaat u daar zitten,' zei de cipier, terwijl hij ons twee stoelen naast de vrouw met de sjaal aanwees. 'Hij komt zo.'
Weer gehoorzaamden moeder en ik als voorbeeldige schoolkinderen. Alleen deed mijn moeder dat met een air van trots en ik met de houterigheid van een angsthaas.
We zaten nog maar pas neer toen er achter het kippengaas een deur openging en Zepinho, in het gezelschap van een reus van een bewaker, ten tonele verscheen.
Instinctief veerde ik recht en glimlachte ik hem toe, zoals ik altijd deed wanneer we mekaar ontmoeten, maar ditmaal sloeg een schok mijn glimlach als een brutale hand van mijn mond. Zepinho kwam op ons toegestapt, keek dwars door ons heen en ging met een absurde voorzichtigheid op de voor hem klaargezette stoel zitten. Hij was gekleed in lompen en had ondanks zijn leeftijd de griezelige uitdrukking van een dode oude man op zijn gezicht.
'Zepinho, hoe gaat het ermee?' piepte ik, met een keel vol speeksel.
Zepinho keek me heel even in de ogen, richtte zijn blik vervolgens op mijn moeder, gaf een traag hoofdknikje en zei, met een stem die ik niet als de zijne herkende: 'Mevrouw, Ensor…'

 

feedback van andere lezers

  • DeKoeneRidder
    We blijven lekker gaan!

    Gr. DKR
    koyaanisqatsi: even in jail!

    thnks KR
  • Vansion
    adembenemend!!! én de tekst én de vrouw!
    kleine opmerking: de beschrijving "met klasse" vind ik beneden haar waardigheid... ik zou een donker fonkelend alternatiefje zoeken

    ik was ooit op bezoek in LeuvenCentraal voorhechtenis
    ik kon het ook niet laten wat indrukken van dat bezoekje te laten doorsijpelen in mijn roman rdx
    het pakt me dat je totaal anders verwarrend overeenstemmende gevoelens bij de lurven pakt

    goegoegoe

    koyaanisqatsi: thnks
    xx
  • Mephistopheles
    Altijd aangenaam om Buscapé te lezen.
    grts.
    koyaanisqatsi: zijn ervaringen daarentegen...

    thnks
  • sproet
    ben door weekje babysitten achter met lezen.

    terug heel graag gelezen, prachtige sfeerbeschrijving van omgeving en personen.

    liefs, trees
    koyaanisqatsi: graag ontvangen (uw feedback dus)
  • Magdalena
    Heel sterke sfeer.

    Alleen... is dat in België ook soms zo met dat kippegaas? In mijn bezoeken was dat: gefouilleerd worden, geen handtas, niets mee, en dan in een cafetaria met cipiers, aan tafeltjes tegenover mekaar.

    XXXX
    koyaanisqatsi: zie reactie op vorige respons... xx
  • Wee
    Geen woorden ...
    xxx
    koyaanisqatsi: ja, plezant is idd anders... :-(
Er zijn 4 bezoekers online, waarvan 1 lid: pieter.